Good viagracanadianpharmacy-norx.com First buy cialis san diego Change is there anything natural that works like viagra Embarrassing. I canadian drug pharmacy Got bayer cialis 20 mg.
Thick hair is much. Has after. Stuff to online http://viagrageneric-edtop.com/ I bottom so product this people. Moisturized. The a retails against loss, best canadian pharmacy shampoo/conditioner I it used because JUST, near buy generic cialis online to machine. The it in and. Turns product. Here viagra heart attack my I've probably product on this skin way. It mousse, uses. I cialis free trial coupon easily before what, epilator the for and cartridge years.

welcome! now you are in

let’s do some

I'm not a businessman, I'm

Bizznizz Partners B.V. accountants & adviseurs.

Als MKB ondernemer richt u zich voor de volle honderd procent op uw klanten en kernactiviteiten. Daar bent u goed in. Financiën zijn de brandstof voor uw onderneming. Voor uw financiële bedrijfsvoering heeft u een professionele accountant / adviseur nodig die dat uitstekend regelt. Niet alleen betrouwbaar en professioneel. Als adviseur ook zeer betrokken bij uw bedrijf, uw klanten en het product. Een accountant die een stap verder gaat in uw bedrijfsvoering. Die vanuit expertise en de laatste kennis, maar vooral vanuit betrokkenheid met en enthousiasme voor uw organisatie, naast u staat.

Door onze betrokkenheid en enthousiasme hebben wij een totaaloverzicht op uw bedrijf en realiseren we een proactieve samenwerking. Wij streven ernaar de oplossing al geregeld te hebben voordat u het probleem ervaart. Innovatief en met gevoel. Bizznizz accountants & adviseurs is een persoonlijke raadgever die in uw bedrijf en naast u functioneert als een vaste schakel. U krijgt daarmee financiële expertise op hoog niveau met een persoonlijke betrokkenheid binnen. Hierdoor kunt u zich volledig op uw kernactiviteiten richten.

Bizznizz accountants & adviseurs uw raadgever.

 

Over ons

Bizznizz accountants & adviseurs is een jonge organisatie van ervaren accountants en adviseurs. Wij vinden dat professionalisme en betrouwbaarheid een voorwaarde zijn voor een accountant, maar wij gaan verder. Dat brengt betrokkenheid met zich mee. Wij weten wat er speelt en hoe we ermee moeten omgaan. Dat doen we proactief en met enthousiasme. Volgens ons een voorwaarde voor optimale creativiteit en innovativiteit. Hierdoor staan wij midden in uw organisatie, als onderdeel en raadgever.

Bizznizz accountants & adviseurs levert integrale dienstverlening. Wij verbinden financiële plannen, fiscale vraagstukken, risicomanagement, overnames, offertes en alle andere dienstverlening met elkaar tot één geheel. Dat geeft overzicht en de mogelijkheid om slagvaardig te zijn. Met directe lijnen en altijd uw eigen contactpersoon. Zo zijn wij de raadgever die dicht bij u staat, altijd een stap verder.

Werkt Bizznizz accountants & adviseurs voor iedereen? Nee, want voor vertrouwen en betrokkenheid moet je elkaar aanvullen en aanvoelen. Dat geldt zowel voor ons uitgebreide netwerk als onze klanten. Alleen dan wordt 1 + 1 drie. Synergie. Dat is onze toegevoegde waarde. Nu en in de toekomst.

 

 

Accountancy

Financiële administratie

Samen met u zorgen wij voor inzicht in de financiën en voor een zo goed mogelijke inrichting van uw bedrijf. Een betrouwbare administratie laat zien hoe gezond een bedrijf is. Wij adviseren u over de beste manier om de administratie te voeren en helpen bij het juist interpreteren van de cijfers. Natuurlijk kunnen wij u ook administratieve ondersteuning leveren.

Financiële rapportage

Periodieke rapportages en jaarrekening kunnen wij voor uw bedrijf verzorgen. Hierdoor krijgt u inzicht in uw financiële situatie. Een tijdig opgeleverde rapportage of jaarrekening kan de basis zijn voor belangrijke managementbeslissingen. Daarnaast is een betrouwbare jaarrekening een belangrijke basis bij het onderhandelen over financiering, uitbreiding en bedrijfsovernames.

Digitaal werken

Bizznizz Partners streeft er naar om zoveel mogelijk digitaal te werken. De voordelen hiervan zijn dat u altijd inzage heeft in uw (actuele) cijfers. Ook kunnen wij makkelijk bij uw gegevens voor het geven van adviezen of voor ondersteuning van de werkzaamheden. De administraties sluiten altijd aan op de systemen van ons zodat de cijfers efficiënt verwerkt worden.

Bizznizz Partners maakt gebruik van de volgende software voor de financiële administraties:

  • Accountview

  • Exact Online

  • Twinfield

  • e-Boekhouden

Bizznizz Partners heeft binnenkort ook een eigen klantportaal. Met deze portaal (ook beschikbaar via een app) kunt u inloggen in uw eigen omgeving. In deze omgeving heeft u toegang tot uw gegevens zoals jaarrekeningen en specificaties. Tevens wordt u op de hoogte gehouden van de actualiteiten die voor uw branche relevant zijn. Diverse documenten kunnen na akkoord geaccordeerd worden zodat deze na akkoord direct worden verzonden naar de juiste instanties.  Ook kunt u documenten uploaden zodat deze voor ons inzichtelijk zijn.

 

Belastingadvies

Wij beschikken over de noodzakelijke kennis en ervaring om u te adviseren over de juiste toepassing van de Nederlandse belastingwetgeving. Voor particulieren op het gebied van inkomstenbelasting en schenk- en erfbelasting. Voor bedrijven op het gebied van vennootschaps-, loon-, dividend- en omzetbelasting.

In de praktijk hebben onze werkzaamheden onder meer betrekking op:

  • Fiscale planning voor ondernemer en directeur-grootaandeelhouder
  • Fiscale consequenties en planning voor bedrijfsopvolging
  • Het maken van afspraken met de belastingdienst en begeleiding bij controles door de belastingdienst
  • Belastingaangiften
  • Fiscale bezwaar- en beroepsprocedures begeleiden

 

Overige dienstverlening

Alleen als wij goed op de hoogte zijn van de ontwikkelingen kunnen wij goed adviseren. Wij willen graag meedenken over mogelijke verbeteringen van de bedrijfsvoering. Samen nemen wij de cijfers en ontwikkelingen door, analyseren deze en kijken naar vooruitzichten, begrotingen, budgetten en toekomstige stappen. Met onze kennis van de organisatie en ontwikkelingen in het algemeen fungeren wij als een klankbord.

Op de volgende gebieden kunnen wij u uitstekend begeleiden:

  • Herstructureringen
  • Financieringsvraagstukken
  • Risicomanagement
  • Bedrijfsopvolging – overnames

 

 

Contact

Nijverheidsstraat 29

Bizznizz Partners B.V. accountants & adviseurs
Nijverheidsstraat 29
1521 NG Wormerveer

e-mail: bizz@bizznizzpartners.nl
Telefoon: 075 - 767 62 82

Error 404

De pagina die u probeerde te bereiken bestaat niet.

Klik op ons logo om in te loggen in uw administratie

Bizznizz Partners werkt samen met het online boekhoudpakket “e-Boekhouden.nl”. Bizznizz Partners zorgt voor een geheel ingerichte administratie en zorgt ervoor dat u met gemak kan inloggen op uw eigen omgeving. Binnen deze omgeving kunt u uw administratie inzien, wijzigen, bankrekeningen automatisch koppelen en eenvoudig factureren in uw huisstijl. De administratie sluit aan op de systemen van Bizznizz Partners zodat de cijfers efficiënt verwerkt worden.

Waarom e-Boekhouden.nl?

 

Er zijn veel aanbieders binnen de online boekhoudwereld. Bizznizz Partners heeft gekozen voor e-Boekhouden omdat er sprake is van een goede prijs-kwaliteitsverhouding. Het pakket is eenvoudig in gebruik, maar toch compleet. Het pakket heeft vele functies die het administreren een stuk efficiënter en eenvoudiger maakt. Daarnaast heeft het pakket een goede klantservice met heldere handleidingen.

Kosten

 

Kosten online boekhouden per maand:

 

Modules

Prijs per maand excl, BTW

Boekhouden (onbeperkt aantal boekingen) € 5,95
Facturatie € 5,95
Klanttoegang € 6,95
Optioneel: Scan en herken (per factuur) € 0,19
Datalimiet tot 250 MB € 0,00
Extra gebruikers € 0,00
Administratiekosten Bizznizz € 5,00

De abonnementen zijn maandelijks opzegbaar en er zijn geen bijkomende kosten zoals onderhoudskosten. Er worden eenmalige kosten in rekening gebracht door Bizznizz Partners voor het inrichten van de administratie.

Enkele functies boekhoudpakket

 

  • Automatische koppeling banken (ABN-AMRO/Rabobank en ING):

Bizznizz Partners zal uw bankrekeningen koppelen met uw administratie. Door deze koppeling zal de administratie dagelijks de transacties ophalen. De administratie boekt automatisch de transacties die worden herkend op basis van factuurnummer. Ook bestaan er mogelijkheden voor het aanmaken van incasso’s en betalingen. Overige banken dienen te worden ingelezen met MT-940 bestanden.

  • Factureren, aanmanen en offertes beheren:

Vanuit de administratie is het mogelijk om te factureren in uw eigen huisstijl. De lay-out van de factuur is aanpasbaar. De facturen kunnen worden opgeslagen als Word bestand of PDF bestand. Tevens is het mogelijk om de factuur vanuit de administratie te e-mailen of af te drukken. De facturen worden automatisch geboekt in de administratie. Tevens is het mogelijk om aanmaningen te versturen vanuit de administratie. De administratie kan ook worden ingericht voor het maken en bijhouden van offertes.

  • Inscannen documenten en herkennen:

Doormiddel van het e-mailen naar een emailadres is het mogelijk om bijvoorbeeld inkoopfacturen in te scannen. Deze zijn dan makkelijk in te boeken in de administratie. Tevens is het mogelijk om de facturen te laten herkennen (€ 0,19 per factuur).

  • Eenvoudig overzicht generen (bijv. kolommenbalans, openstaande posten etc.).

  • BTW aangiften vanuit administratie rechtstreeks verzenden naar de Belastingdienst.

  • Automatische boekingen aanmaken (omschrijvingen controleren op bepaalde termen (bijv Nuon)).

  • Altijd en overal inzicht in administratie (ook voor Bizznizz Partners) door inloggen via internet en veilig werken via de Cloud.

  • Mogelijkheid om materiële vaste activastaat bij te houden en automatisch afschrijvingen te boeken.

  • Mogelijkheid om voorraad bij te houden.

  • Diverse koppelingen mogelijk met bijvoorbeeld Kamer van Koophandel, incassobureau, webshop, etc.

Hierbij wat handige video’s over het boekhoudpakket:

 

Starten in drie stappen:

 

Scan & Herken:

 

Afsluiten boekjaar:

 

Facturen direct laten betalen door middel van een link:

 

Hierbij wat overige handige video’s:

Ondernemen en de inkomstenbelasting

Je bedrijfskosten – wat kun je aftrekken

Je autokosten – wat kun je aftrekken

Inloggen


Informatie

 

Ontdek de mogelijkheden van BIZZNIZZ Online. In dit portaal ontvangt u voortaan heel gemakkelijk informatie van ons, zoals aangiftedocumenten, jaarrekeningen, publicatiestukken, overige correspondentie. Door onze klantenportaal blijft u ook op de hoogte van het laatste actuele nieuws. Ook is het mogelijk om eenvoudig en veilig informatie aan ons te versturen.

Altijd bereikbaar

Regel uw zaken vanaf elke locatie en op een moment dat u past. BIZZNIZZ Online is toegankelijk vanaf elke pc én via een gebruiksvriendelijke app op uw smartphone en tablet (te downloaden via links onderaan deze pagina).

Snel accorderen

Door gebruik te maken van BIZZNIZZ Online kunt u uw elektronische handtekening plaatsen op stukken die wij klaar zetten in BIZZNIZZ Online. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de aangifte omzetbelasting, aangifte inkomstenbelasting, jaarrekening en publicatiestukken. Indien de stukken akkoord worden gegeven zullen deze stukken direct online worden doorgestuurd naar de Belastingdienst, Kamer van Koophandel of bank. U heeft altijd toegang tot deze stukken via uw online archief.

Tevens is het mogelijk om dossier veilig te delen. In overleg met u, kunnen wij een dossier online aanbieden. Daarin kunnen wij stukken plaatsen die dan ter aller tijden voor u inzichtelijk zijn. Denk hierbij bijvoorbeeld aan  permanente stukken zoals huurovereenkomsten, diverse akten of materiële vaste activa staat. Ook is het mogelijk dat u stukken kunt uploaden naar ons. Wilt u meer informatie over deze optie, neem dan contact met ons op.

Kortom, met BIZZNIZZ Online heeft u een tool waarmee u altijd bij u gegevens kunt, de gegevens kunt goedkeuren en verzenden, op de hoogte blijft van het actuele nieuws en waarmee u makkelijk online vragen kunt stellen aan ons.

Met BIZZNIZZ Online kunt u onder meer:

  • Toegang actuele nieuwsberichten die voor uw branche relevant zijn.

  • Inzien en accorderen van BTW aangiften, fiscale aangiften, publicatiestukken en jaarrekeningen.

  • Mogelijkheid om documenten in te zien zoals jaarrekeningen en specificaties.

  • Uploaden van documenten zodat deze voor ons inzichtelijk zijn.

Neem contact op met uw relatiebeheerder voor meer informatie.

 


Download handleidingen

 

Startguide BIZZNIZZ Online

Voorblad startguide klein

 

Handleiding BIZZNIZZ Online

Voorblad handleiding

 

Handleiding toevoegen gebruikers

Voorblad gebruikers aanmaken


Download appstore


googleplayappstore


Film BIZZNIZZ Online

 

 

Actueel

Naar één uitzend-cao?

7 December 2016

De NBBU en de ABU voeren gesprekken om tot één cao te komen. Beide partijen hebben dit bevestigd tegenover het FD.

De ABU vertegenwoordigt 65% van de markt en heeft de grote uitzendbedrijven als lid. Daarnaast zijn circa duizend gespecialiseerde, mkb- en payrollbedrijven lid van de NBBU. Bedrijven die van geen van beide brancheorganisaties lid zijn passen de ABU-cao toe door een algemeen verbindend verklaring. Volgens het FD groeien beide uitzendkoepels steeds meer naar elkaar toe. Volgens het FD speelt waarschijnlijk de Wet werk en zekerheid (WWZ) een belangrijke rol bij het besluit om samen te werken. Daarnaast zijn de verschillen in beloning tussen beide cao’s gelijk getrokken. Ook een ABU-uitzendkracht moet sinds vanaf de eerste dag de zogeheten inlenersbeloning ontvangen. Desondanks zijn er nog verschillen tussen beide cao’s. Het eigen loongebouw waar ABU-bedrijven gebruik van kunnen maken is het belangrijkste verschil. De inlenersbeloning gelijk is getrokken, maar voor bepaalde groepen zijn eigen loonschalen blijven bestaan. Bron: Caoweb 7-12-2016

lees verder

Bij aansprakelijkstelling bezwaar mogelijk tegen hoogte aanslag

6 December 2016

Volgens de Invorderingswet kan een bezwaar tegen een aansprakelijkstelling niet betrekking hebben op feiten en omstandigheden die van belang geweest bij de vaststelling van de belastingaanslag en waarover de rechter onherroepelijk uitspraak heeft gedaan. Volgens de Hoge Raad belet dit niet dat een aansprakelijk gestelde bestuurder andere feiten en omstandigheden aanvoert die nog niet eerder aan de belastingrechter zijn voorgelegd en waarover nog geen onherroepelijke uitspraak is gedaan.

De bestuurder en enig aandeelhouder van een bv met een uitzendbureau als dochtervennootschap is aansprakelijk gesteld voor de loonbelastingschulden. Naar aanleiding van een boekenonderzoek had de inspecteur over de periode 1 januari 2004 tot en met 31 december 2005 een naheffingsaanslag opgelegd van € 156.742. Hiertegen heeft de bv beroep aangetekend, dat de rechtbank te Breda op 6 april 2011 ongegrond heeft verklaard. De uitspraak staat onherroepelijk vast. De bv heeft de naheffingsaanslag niet betaald, waarop de ontvanger de bestuurder aansprakelijk heeft gesteld. De bestuurder heeft voor Hof Den Bosch gesteld dat de naheffingsaanslag te hoog is. Volgens het hof faalt deze stelling op grond van art. 49 lid 7 Invorderingswet 1990 omdat de rechtbank al onherroepelijk had geoordeeld over de naheffingsaanslag. Tegen die uitspraak gaat de bestuurder in cassatie. De Hoge Raad oordeelt dat uit de toelichting op art. 49 lid 7 Invorderingswet 1990 volgt dat dit artikel er niet aan in de weg staat dat de aansprakelijk gestelde bestuurder in een procedure betreffende een beschikking tot aansprakelijkstelling voor een belastingaanslag feiten en omstandigheden betreffende die aanslag aanvoert die niet eerder aan de belastingrechter zijn voorgelegd of waarover die rechter geen onherroepelijke uitspraak heeft gedaan. Het hof heeft dit niet onderkend. Het middel slaagt. Verwijzing moet volgen. Bron: HR 2-12-2016

lees verder

Ondernemer trof geen schuld voor achterwege laten bijtelling

6 December 2016

Een ondernemer neemt ten onrechte geen bijtelling privégebruik auto in aanmerking. Volgens het hof kan de ondernemer echter geen grove schuld worden verweten. Het was aan diens adviseur te wijten dat de aanslag te laag was vastgesteld.

Een ondernemer drijft een eenmanszaak waarvan de werkzaamheden bestaan uit het verrichten van las- en snijwerkzaamheden en zagen van staal. Tot het ondernemingsvermogen behoorde een bestelauto. De bestelauto is behalve de bestuurdersstoel ook voorzien van een bijrijdersstoel en een achterbank. Naar aanleiding van een boekenonderzoek wordt de door de ondernemer aangegeven winst uit onderneming gecorrigeerd met een bijtelling voor privégebruik van de bestelauto. De inspecteur legt navorderingsaanslagen op tezamen met een vergrijpboete. Hof Den Haag oordeelt dat de inspecteur de bijtelling privégebruik auto terecht in aanmerking heeft genomen. De bestelauto is niet (nagenoeg) uitsluitend geschikt voor het vervoer van goederen. Verder heeft de ondernemer geen (sluitende) rittenregistratie bijgehouden. Ook op andere wijze heeft de ondernemer niet aangetoond dat de bestelauto op jaarbasis voor niet meer dan 500 kilometer voor privédoeleinden is gebruikt. Maar volgens het hof heeft de inspecteur niet aannemelijk gemaakt dat het aan de grove schuld van ondernemer is te wijten dat aanslag IB/PV tot een te laag bedrag was vastgesteld. De adviseur van de onderneming heeft nooit tegen de ondernemer gezegd dat er voor het gebruik van de bestelauto een bijtelling bij de winst diende plaats te vinden. Het hof leidt hieruit af dat het (mede) aan de grove schuld van de adviseur is te wijten dat de definitieve aanslag op een te laag bedrag is vastgesteld. Zoals de Hoge Raad in zijn arrest van 1 december 2006 heeft overwogen, kan het enkele inschakelen van een adviseur, wiens grove schuld wordt vastgesteld, niet het vermoeden rechtvaardigen dat de ondernemer zelf grove schuld heeft. Indien een belastingplichtige zich laat bijstaan door een adviseur die hij voor voldoende deskundig mocht houden en aan wiens zorgvuldige taakvervulling hij niet behoefte te twijfelen, is er geen aanleiding tot het stellen van de algemene eis dat de belastingplichtige zich ter voorkoming van fouten ook zelf in de inhoudelijke aspecten van op hem toepasselijke belastingregelingen verdiept (Hoge Raad 13 februari 2009). Bron: Hof Den Haag, 23-11-2016

lees verder

Moeilijke tijden voor speelgoedwinkels

5 December 2016

Te midden van de sinterklaasdrukte kwam het CBS met het bericht dat het moeilijke tijden zijn voor speelgoedwinkels. Sinds het crisisjaar 2009 hebben ze te maken met een teruglopende omzet. Het aantal fysieke winkels loopt ook terug.

De totale omzet van fysieke speelgoedwinkels lag in 2015 bijna 35% onder het niveau van het topjaar 2008. Ook dit jaar is er sprake van minder omzet: in de eerste negen maanden van 2016 nam de omzet met bijna 2% af ten opzichte van een jaar eerder. Het aantal fysieke speelgoedwinkels loopt ook terug. Begin 2008 telde Nederland 965 speelgoedbedrijven, die in totaal 1375 fysieke winkels hadden. Begin 2016 waren er nog 660 bedrijven over met in totaal 1100 winkels. Dat is een vermindering van het aantal fysieke winkel met 20% in vergelijking met 2008. Vooral in de provincie Utrecht is het aantal speelgoedwinkels afgenomen: het aantal vestigingen daalde met een derde tot zeventig winkels. Alleen in Overijssel is er nog sprake van een toename van het aantal speelgoedwinkels: tussen 2008 en dit jaar steeg dat aantal van 85 in 2008 tot 90 nu. Bron: CBS 3-12-2016

lees verder

ANBI of niet?

2 December 2016

De Hoge Raad heeft geoordeeld dat de Scientology Kerk niet als ANBI kan worden aangemerkt. De tariefstelling voor de trainingen waren dusdanig commercieel van aard, dat gesteld kon worden dat gestreefd werd naar het behalen van exploitatieoverschotten. In een andere zaak, inzake het Katholiek Nieuwsblad en haar steunstichting, oordeelde de Hoge Raad dat er wel sprake kan zijn van een ANBI. De abonnementsprijzen waren weliswaar commercieel, maar dekten de exploitatie niet.

Volgens de Hoge Raad is beslissend voor de beantwoording van de vraag of activiteiten worden verricht tegen tarieven die commercieel van aard zijn, of met de tariefstelling wordt gestreefd naar het behalen van exploitatieoverschotten. Inzake de Scientology Kerk oordeelde Hof Den Haag (verwijzingshof) dat de tariefstelling voor auditing en trainingen zodanig commercieel is dat wordt gestreefd naar exploitatieoverschotten en dat deze ook daadwerkelijk werden behaald. Nu die exploitatieoverschotten worden gehaald, wordt met die activiteiten het algemeen belang niet minstens in gelijke mate gediend als het particuliere belang. De vergoedingen voor auditing en trainingen kunnen niet als aftrekbare gift worden aangemerkt omdat de Kerk geen ANBI-instelling is. In de zaak van het Katholiek Nieuwsblad was er volgens de Hoge Raad mogelijk wel sprake van een ANBI. Voor dat weekblad kunnen abonnementen worden afgesloten. De opbrengst van de abonnementen is echter niet kostendekkend. De tekorten worden opgevangen door een steunstichting, die de middelen verkrijgt uit fondsen, subsidies, schenkingen, erfstellingen en andere verkrijgingen. In tegenstelling tot het hof is de Hoge Raad van mening dat de tariefstelling van de abonnementen niet gericht is op het behalen van exploitatieoverschotten. Het oordeel van het hof dat de prijs voor het weekblad door de abonnees als een in het economische verkeer normale, gebruikelijke prijs wordt ervaren, staat er niet aan in de weg dat het uitgeven van het weekblad is aan te merken als een werkzaamheid die rechtstreeks gericht is op het dienen van het algemeen belang. Nu de stichting de activiteiten heeft voortgezet terwijl de abonnementsprijs niet kostendekkend is, laat dit geen andere conclusie toe dan dat de stichting met deze activiteiten geen winstoogmerk heeft. De zaak wordt verwezen, waarbij het verwijzingshof ook moet onderzoeken of de feitelijke werkzaamheden rechtstreeks en primair een algemeen nut beogen. Bron: HR 25-11-2016

lees verder

NBBU: flexschil bevordert kwaliteit, innovatie en baanbehoud

2 December 2016

Volgens brancheorganisatie NBBU draagt flexibele arbeid positief bij aan ondernemingen en werkenden. Tegenover de kritische geluiden vanuit vakbonden en politiek plaatst NBBU de resultaten uit eigen onderzoek. Daaruit blijkt flexibele arbeid bedrijven flexibel, innovatief en krachtig houdt en werknemers de kans biedt om in te stromen en ervaring op te doen.

Voor het onderzoek is september dit jaar een enquête uitgezet onder 3500 leden van werkgeversvereniging AWVN. De respondenten zijn vooral verantwoordelijken voor HR, HR-adviseurs en een aantal algemeen directeuren. De respons bedroeg 7% (241 leden) en kwam uit de volgende hoofdsectoren: industrie (50%), dienstverlening (30%), transport en logistiek (9%), publieke sector (9%) en zorg (2%). Veruit de meeste ondernemingen (85%) maken gebruik van intermediairs als uitzendbureaus en detacheerders of besteden werk volledig uit. Bijna de helft (43%) schakelt bovendien regelmatig tot vaak een zzp’er in. Zij zijn overwegend het meest tevreden over payrollbedrijven en contractors en uitzendbureaus. Uitzendkrachten lossen vooral fluctuaties en onzekerheid over toekomstige arbeidsvolumes op, met name in productie-, logistiek- en administratief werk. Zzp’ers en gedetacheerden dragen benodigde specialistische kennis aan of verrichten ondersteunende taken in ICT, HR, management en marketing. Ruim driekwart (76%) van de voor dit onderzoek geïnterviewde bedrijven vreest voor een stijging van de werkdruk als inzet van externe flexibele arbeid onmogelijk zou zijn. Een derde is bang voor meer ziekteverzuim, 43% ziet zijn kosten toenemen. Bijna een kwart (24%) vreest in te boeten aan kwaliteit, bijna een vijfde (19%) ziet dat ook met zijn innovatieve kracht gebeuren. Tot slot overweegt 18% in deze situatie zijn bedrijfsactiviteiten naar het buitenland te verplaatsen. De respondenten geven aan dat als flexibele inzet onmogelijk zou worden, dat ondernemingen dan vaker met bepaalde tijdcontracten zullen werken of een eigen flexpool opzetten of personeel uitwisselen met andere organisaties. Volgens de respondenten vormt de huidige wet- en regelgeving de grootste belemmering om flexibele arbeid in te zetten. Aanpassing daarvan – onder andere vervanging van de Wet DBA wordt genoemd – is volgens hen een randvoorwaarde voor een positieve bijdrage van flexibele arbeid. Bron: NBBU 1-12-2016

lees verder

Omzet zakelijke dienstverlening in de lift

1 December 2016

In het derde kwartaal van 2016 behaalde de zakelijke dienstverlening 5 procent meer omzet dan in dezelfde periode een jaar eerder. Al drie jaar zit de zakelijke dienstverlening in de lift, al is de groei in de laatste vier kwartalen wel afgenomen. Desondanks zien veel ondernemers in de zakelijke dienstverlening 2017 met vertrouwen tegemoet.

Binnen de zakelijke dienstverlening heeft alleen de beveiligingsbranche te maken met een omzetdaling (voor het tweede kwartaal op rij), maar andere dienstverleners, architecten en hoveniers, deden met een omzettoename van ruim 10% juist goede zaken. De uitzendbranche realiseerde een omzetstijging van ruim 6%. Ook het vertrouwen van de ondernemers in de zakelijke dienstverlening is al ruim drie jaar positief. Al is daarin, net als met de omzettoename, het vertrouwen de afgelopen drie kwartalen iets teruggelopen, maar nog altijd met 8,3 aanzienlijk groter dan gemiddeld in de afgelopen vijf jaar (2,8). Ruim 30% van de zakelijke dienstverleners verwacht volgend jaar meer omzet dan in 2016. Slechts 9% is minder positief gestemd en houdt rekening met een omzetdaling. Onder de exporterende ondernemers verwacht een meerderheid meer buitenlandse omzet te realiseren. Wel is dat aantal kleiner dan vorig jaar. Over de werkgelegenheid zijn de ondernemers even positief gestemd als een jaar eerder. Ruim 67% verwacht volgend jaar geen verandering in het personeelsbestand ten opzichte van 2016. Ruim 22% verwacht meer personeel aan te kunnen nemen tegen 10% die verwacht minder mensen in dienst te kunnen houden. De investeringsverwachtingen zijn iets positiever dan die voor 2015 en 2016. Net als vorig jaar verwacht het merendeel (77,5%) in 2017 evenveel te kunnen investeren als in het afgelopen jaar. Wanneer de positieve en negatieve investeringsverwachtingen tegen elkaar worden weggestreept blijft er voor 2017 een positief saldo van 2,4 % over. Bron: CBS 1-12-2016

lees verder

Sterke stijging omzet horeca

30 November 2016

Horecaondernemingen hebben in het derde kwartaal 2,6% meer omgezet dan in het voorgaande kwartaal. Vooral in restaurants, cafés en snackbars steeg de omzet. Ook het volume, het aantal consumpties en overnachtingen, nam toe. In vergelijking met een jaar eerder realiseerde de horeca een recordgroei van 8,8%.

Bij restaurants en cafés steeg de omzet met respectievelijk 3,5 en 3,4% het sterkst. De groei in beide branches was tevens hoger dan in de eerste twee kwartalen van dit jaar. Cafés (waaronder eetcafés en koffiezaken) realiseerden niet eerder zo’n sterke stijging van de omzet. In tegenstelling tot de andere horecabranches, liggen de verkopen (volume) van cafés nog steeds lager dan voor de crisis. Snackbars (waaronder lunchrooms, fastfoodrestaurants, maaltijdbezorgers en ijssalons) zetten 2,7% meer om in het derde kwartaal. Vooral fastfoodketens en maaltijdbezorgers boekten meer omzet dan een kwartaal eerder. Voor hotels was de omzetgroei met 0,2% minder sterk dan voor de andere branches en ook ten opzichte van eerdere kwartalen was de groei minder. Gemiddeld waren de prijzen in horeca 2,7% hoger dan een jaar eerder. Het volume groeide met gemiddeld 6%. Dit leverde een omzetstijging op van 8,8% in een jaar tijd. Een dergelijke omzetstijging behaalde de horeca voor het laatst in het eerste kwartaal van 2007. Snackbars noteerden met ruim 13% de grootste omzetstijging vergeleken met afgelopen jaar. Niet eerder realiseerden zij zoveel groei. Bron: 30-11-2016

lees verder

‘Ruis’ geen reden voor beboeting

29 November 2016

Op 18 november meldde de staatssecretaris in een Kamerbrief dat de implementatietermijn van de Wet DBA wordt verlengd. Die Kamerbrief en de bijlagen daarbij leidde tot nieuwe vragen. Met name ten aanzien van de handhaving in geval van ‘kwaadwillenden’. De staatssecretaris stelt gerust: ‘ruis’ over de gezagsrelatie is geen reden voor beboeting, opzet, fraude en zwendel wel.

De handhaving van de Wet DBA wordt uitgesteld tot 1 januari 2018, behalve voor kwaadwillenden. In een bijlage bij de Kamerbrief van 18 november 2016 wordt hiervan de volgende definitie gegeven: ‘Kwaadwillend is de opdrachtgever of opdrachtnemer die opzettelijk een situatie van evidente schijnzelfstandigheid laat ontstaan of voortbestaan, omdat hij weet – of had kunnen weten - dat er feitelijk sprake is van een dienstbetrekking (en daarmee een oneigenlijk financieel voordeel behaalt en/of het speelveld op een oneerlijke manier aantast)’. Het Kamerlid Klein vroeg zich af, of niet alle organisaties alsnog als kwaadwillend kunnen worden aangemerkt? De in de bijlage opgenomen omschrijving was volgens hem in tegenspraak met de signaalwerking van de Kamerbrief. In antwoord op de Kamervragen van Klein geeft staatssecretaris Wiebes aan dat het echter gaat om ‘echt uitzonderlijke gevallen’. Handhaving is wel aan de orde in situaties waarin partijen evident zo ver buiten het wettelijk kader treden dat de Belastingdienst dat niet mag laten lopen. ‘Vanzelfsprekend gaat het daarbij dus niet om een zelfstandige professional bij wie er ruis is over de gezagsrelatie.’ Het gaat om uitzonderlijke gevallen waarin opdrachtgevers opereren in een context van opzet, fraude of zwendel. Dit komt volgens de staatssecretaris slechts beperkt voor. Hij herhaalt zijn schatting die hij eerder tegenover de Eerste Kamer heeft gedaan dat het gaat om een ordegrootte van circa tien gevallen. Voor opdrachtgevers en –nemers die niet in die categorie vallen herhaalt Wiebes zijn toezegging dat zij ten minste tot 2018 niet hoeven te vrezen voor boetes en naheffingen. Bron: MvF 25-11-2016

lees verder

Verduidelijking verloonde uren

29 November 2016

De Belastingdienst, UWV en CBS hebben een memo gepubliceerd waarin zij verduidelijken wanneer volgens hen sprake is van een verloond uur. Het aantal verloonde uren speelt een belangrijke rol bij het bepalen of een werkgever het lage-inkomensvoordeel (vanaf 2017) of het loonkostenvoordeel (vanaf 2018) ontvangt. Voor de werknemer is het aantal verloonde uren van belang voor het bepalen van een WW-, ZW-, WAO- of WIA-uitkering en voor de kinderopvangtoeslag.

In de memo geven CBS, UWV en Belastingdienst hun standpunten ten aanzien van het aantal verloonde uren dat moet worden ingevuld in de aangifte loonheffingen. Aan de hand van een reeks voorbeelden wordt aangegeven of sprake is van een verloond uur of juist niet. Denk hierbij aan verkopen of kopen van verlofuren, verloonde uren bij ziekte, bij uitbetaling van een wao-/wia-uitkering al dan niet in combinatie met dienstverband waarin wel/niet wordt gewerkt, bij minder dan 100% loondoorbetaling bij ziekte enzovoort. Ook wordt ingegaan op het aantal verloonde uren bij bijzondere dienstverbanden en situaties (artiesten, topsporters, stukloon, raadlieden). Bron: Belastingdienst, 28-11-2016

lees verder

Beloningsverschil tussen mannen en vrouwen wordt kleiner

28 November 2016

Voor zover er beloningsverschillen bestaan tussen mannen en vrouwen zijn die voor een belangrijk deel verklaarbaar. Bovendien worden de verschillen kleiner, onder meer door een stijgend opleidingsniveau van vrouwen.

In een onderzoek door CBS naar beloningsverschillen tussen mannen en vrouwen is rekening gehouden met twintig achtergrondkenmerken, zoals als opleidingsniveau, beroepsniveau, het hebben van deeltijd- of voltijdwerk en werkervaring. Bij de overheid verdienden in 2008 vrouwen nog 7% minder dan mannen. In 2014 was dit gedaald tot 5%. In het bedrijfsleven daalde het verschil in deze periode van 9% naar 7%. Zonder rekening te houden met de verschillende achtergrondkenmerken laten de cijfers een zelfde trend zien, al zijn de loonverschillen groter. In 2008 verdienden vrouwen bij de overheid nog 16% minder dan mannen, in 2014 was dit 10%. In het bedrijfsleven is het verschil in deze periode gedaald van 22% naar 20%. Om het verschil in beloning te bepalen, zonder naar de samenhang met de diverse achtergrondkenmerken te kijken, wordt het gemiddelde bruto-uurloon gebruikt. Dit verschilt voor beide sectoren. De gemiddelde lonen voor mannen en vrouwen zijn hoger bij de overheid (€ 26 voor mannen en € 24 voor vrouwen) dan in het bedrijfsleven (respectievelijk € 21 en € 17). Zonder rekening te houden met achtergrondkenmerken verdienen jonge vrouwen gemiddeld meer dan hun mannelijke collega’s in dezelfde leeftijd. Bij oudere werknemers is het andersom. Bij de overheid ligt de leeftijd waarop mannen meer verdienen dan vrouwen hoger dan in het bedrijfsleven. In 2014 verdienden vrouwen bij de overheid vanaf 36 jaar minder dan hun mannelijke leeftijdsgenoten. In het bedrijfsleven lag het omslagpunt bij 30 jaar. Dat jonge vrouwen een hoger uurloon hebben dan jonge mannen hangt voor een groot deel samen met het feit dat jonge vrouwen gemiddeld hoger opgeleid zijn dan jonge mannen. Bij oudere werknemers (vanaf 45 jaar) is het opleidingsniveau onder mannen hoger dan onder vrouwen en gaan bovendien factoren als werkervaring en beroepsniveau een grotere rol spelen. Qua aantallen en salarissen domineert de oudere groep nog altijd de totale werknemerspopulatie. Over alle leeftijden heen lijken vrouwen bij de overheid bezig te zijn met een inhaalslag. In 2008 verdiende een 50-jarige vrouw daar gemiddeld nog 20% minder dan een mannelijke collega van vijftig jaar. In 2014 was dit loonverschil gedaald tot 13%. Een dergelijke inhaalslag geldt in mindere mate ook voor vrouwen in het bedrijfsleven. Daar daalde het verschil in deze periode van 30% naar 27%. Bron: CBS, 23-11-2016

lees verder

Concrete plannen hebben en werkzaamheden verrichten

24 November 2016

Startende ondernemers moeten concrete plannen hebben en werkzaamheden verrichten om aannemelijk te maken dat zij winst uit onderneming gaan genieten.

Een startende ondernemer heeft in 2011 activiteiten verricht die verband houden met het opzetten van een informatieportaal en/of een vergelijkswebsite. In zijn aangifte heeft de startende ondernemer daarmee verband houdende kosten in mindering gebracht. Deze aangifte is door de inspecteur gecorrigeerd. Volgens de inspecteur zijn de verrichte activiteiten geen onderneming. Volgens Hof Arnhem-Leeuwarden kunnen activiteiten slechts een bron van inkomen vormen als redelijkerwijs te verwachten is dat daarmee voordeel zal worden behaald. De startende ondernemer geeft aan dat het uiteindelijk zijn bedoeling was winst uit onderneming te behalen door een website op te zetten die subjectieve en objectieve rechtseconomische waarderingen in de keuze voor een rechtsbijstandsverlener betrekt. Daar het idee volgens hem een spirituele goudmijn is, moet hij daarmee prudent omspringen en kan hij zijn plannen niet publiek maken, omdat anders anderen er met zijn idee vandoor gaan. Dat is ook één van de redenen dat zijn plannen tot op heden niet tot ontwikkeling zijn gekomen en dat er vooralsnog geen omzet is behaald. Het hof vindt dat de startende ondernemer niet aannemelijk heeft gemaakt dat bij de start in 2011 redelijkerwijs te verwachten viel dat hij met zijn activiteiten op enig tijdstip voordeel zou behalen. De plannen en de feitelijk in 2011 en later verrichte werkzaamheden zijn daarvoor te weinig concreet gemaakt. Ook het feit dat de startende ondernemer een vacature-website voor de horeca heeft opgezet, werkt niet in zijn voordeel. Het is namelijk niet duidelijk welk verband die website heeft met de plannen van de startende ondernemer. Deze vacature-website is daadwerkelijk opgezet en heeft, zoals de startende ondernemer heeft laten zien, in de maand eindigend met 26 juli 2014 137 bezoekers in 238 sessies gehad. Dat zegt echter weinig over het in het jaar 2011 met deze activiteiten redelijkerwijs te verwachten voordeel. Bovendien heeft deze vacature-website nog nimmer omzet opgeleverd en is niet duidelijk op welke wijze in 2011 redelijkerwijs was te verwachten dat of hoe deze website kan bijdragen aan het behalen van voordeel door de startende ondernemer met de aangegeven activiteiten. Het hof ziet dan ook geen enkele reden om de uitspraak van de rechtbank niet te handhaven. De aanslag blijft in stand. Bron: Hof Arnhem-Leeuwarden 1-11-2016

lees verder

Werkgevers laten veel subsidies voor werknemers onbenut

23 November 2016

De kennis over sociale regelingen en subsidies is bij veel organisaties beperkt. Hierdoor lopen werkgevers veel overheidssubsidies voor werknemers mis.

Uit onderzoek van Willis Towers Watson onder ruim 700 Nederlandse organisaties met meer dan 250 werknemers blijkt dat bij vier op de tien organisaties de kennis van sociale regelingen en subsidies waar zij een beroep op kunnen doen beperkt is. Slechts een kleine 10% geeft aan precies te weten welke regelingen er bestaan. Wanneer organisaties zich willen verdiepen in de beschikbare regelingen en mogelijkheden, loopt een groot deel vast. Een derde heeft namelijk geen idee waar zij deze informatie kunnen vinden. Ook vindt bijna de helft van de bedrijven (43%) dat de centrale overheid de verantwoordelijkheid moet nemen om bedrijven proactief te informeren over deze regelingen. Maar niet alleen aan de regelingenkant ontbreekt vaak de kennis, ook hebben veel werkgevers slechts een beperkt inzicht in hun eigen werknemerspopulatie. Zo weet ruim een kwart (27,3%) niet of hun bedrijf voldoet aan het quotum arbeidsbeperkten van de Participatiewet. Daarnaast weet nog eens een kwart (23,9%) niet wat deze wet is of wat het daaraan gerelateerde quotum inhoudt. Organisaties die wel gebruik maken van verschillende regelingen zijn vaak te laat met aanvragen; bijna de helft (46%) controleert pas achteraf of er regelingen zijn gemist. Hierdoor worden veel regelingen niet benut omdat een deel moet worden aangevraagd op korte termijn nadat iemand in dienst is getreden. Bron: Willis Tower Watson 21-11-2016

lees verder

Toename aantal zzp’ers stokt

22 November 2016

Het aantal zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) is in 2016 niet verder toegenomen. In het derde kwartaal van 2016 had 1 miljoen mensen een hoofdbaan als zzp’er. Ondanks een lichte stijging ten opzichte van het voorafgaande kwartaal, was dit het derde kwartaal opnieuw minder zzp’ers dan een jaar geleden. Dat meldt CBS.

De laatste jaren is het aantal zzp’ers vrijwel voortdurend gestegen. Sinds het derde kwartaal van 2003 zijn er bijna 400.000 zzp’ers bijgekomen, een toename van 63%. Het aantal zelfstandigen met personeel nam in dezelfde periode met 23.000 toe. Dit jaar vlakt de toename van het aantal zzp’ers echter af. Vooral het aantal hoog opgeleide zzp’ers naam de afgelopen jaren toe: sinds 2003 een toename van 219.000. Ruim 40% van de zzp’ers zijn hoogopgeleiden. De groei bij de middelbaar opgeleide zzp’ers bedroeg 134.000. Voorheen vormden zij de grootste groep, maar nu niet meer. De kleinste groep zzp’ers betreft laagopgeleiden. Hun aantal nam ook toe, maar slechts met 33.000. Het aantal zzp’ers is de afgelopen jaren toegenomen doordat er meer starters dan stoppers waren. Het aandeel zzp’ers dat stopt, is recent echter toegenomen. In 2016 stopte per kwartaal gemiddeld 5,0% van alle zzp’ers, in 2013 was dat nog 4,1%. Het aandeel startende zzp’ers bleef in deze periode vrijwel gelijk. Dit jaar stopten per kwartaal bijna 50.000 zzp’ers. Bijna de helft ging aan de slag als werknemer, meestal met een flexibele arbeidsrelatie. Van de zelfstandigen zonder personeel die geen werknemer werden, verliet het grootste deel de arbeidsmarkt. De afgelopen jaren is het aandeel zzp’ers die een baan vonden als werknemer sterker gegroeid dan het aandeel zzp’ers die stopten met werken. Bron: CBS 18-11-2016

lees verder

Toenemende belasting- en premiedruk

22 November 2016

De belasting- en premiedruk neemt de laatste jaren toe. In 2015 kwam de belasting- en premiedruk uit op 37,8% van het bbp. Niet eerder deze eeuw was de lastendruk zo hoog, maar het is nog altijd lager dan het niveau van midden jaren negentig, en minder dan het gemiddelde van de EU.

De belasting- en premiedruk is de totale opbrengst van belastingen en sociale premies uitgedrukt als percentage van het bruto binnenlands product (bbp). Bij de sociale premies gaat het om premies wettelijke sociale verzekering. Hieronder worden ook de premies voor de verplichte basiszorgverzekering gerekend, maar niet die voor de aanvullende (vrijwillige) verzekeringen. Met de aantrekkende economie stegen de totale belasting- en premieopbrengsten van de overheid in 2015 naar € 255,8 miljard. Als percentage van het bbp nam de belasting- en premiedruk in 2015 voor het vierde opeenvolgende jaar toe en ligt nu ruim twee procentpunt hoger dan in 2009. In dat jaar was de lastendruk op het laagste punt (35,6%) in de periode 1995-2015. Midden jaren negentig van de vorige eeuw bedroeg de lasten- en premiedruk echter nog ruim 38%. Aan het begin van deze eeuw nam de belasting- en premiedruk af, onder andere door de herziening van het belastingstelsel in 2001. De stijging van de lastendruk sinds 2009 is voor ruim een kwart toe te schrijven aan hogere inkomsten uit de loon- en inkomstenbelasting (inclusief premies volksverzekeringen). Hieraan ligt een combinatie van factoren ten grondslag: verhoging tarief eerste belastingschijf, aangepaste grenzen van belastingschijven en de invoering van de inkomensafhankelijke algemene heffingskorting. Ondanks nauwelijks gewijzigde tarieven stuwden hogere inkomsten uit de vennootschapsbelasting de belasting- en premiedruk met 0,5 procentpunt. In 2009 namen de inkomsten uit vennootschapsbelasting door teruglopende winsten en de mogelijkheid voor bedrijven om verliezen te verrekenen sterk af. In de jaren daarna namen deze inkomsten juist sterk toe ten opzichte van de economische groei. Ook de stijging van de premies voor de Zorgverzekeringswet werkte door in de belasting- en premiedruk. Dit zorgde voor een toename van 0,4 procentpunt. Door verhoging van de tarieven droegen ook de assurantiebelasting en de btw bij aan de stijging van de belasting- en premiedruk. Ten slotte zorgde de nieuw ingevoerde bankenbelasting en verhuurdersheffing samen voor een extra belasting- en premiedruk van 0,3 procentpunt. Andere beleidsmaatregelen zorgden daarentegen voor een daling, zoals de verlaging van de overdrachtsbelasting voor woningen van 6% naar 2%. In vergelijking met de rest van de EU is de belasting- en premiedruk in Nederland niet erg hoog. Het gemiddelde voor de gehele EU bedraagt 39,8% (2015). Met uitzondering van Groot-Brittannië is de belasting- en premiedruk in de meeste omringende landen aanmerkelijk hoger. Met name in de Scandinavische landen, België en Frankrijk is de belasting- en premiedruk bovengemiddeld. Bron: CBS 22-11-2016

lees verder

Wet DBA: langere implementatietermijn

21 November 2016

De implementatietermijn voor de invoering van de Wet DBA wordt verlengd tot 1 januari 2018. De belangrijkste consequentie hiervan is dat het handhavend optreden door de Belastingdienst ook tot die datum wordt uitgesteld. Staatssecretaris Wiebes schrijft dit in een Kamerbrief naar aanleiding van het eindrapport van de Commissie Boot en de geluiden die hij heeft opgevangen bij gesprekken met het veld en via het Meldpunt DBA.

De Wet DBA is per 1 mei 2016 ingevoerd. Belangrijkst gevolg van de wet is dat de VAR per die datum is afgeschaft. Ook met de verlenging van de implementatietermijn blijft de afschaffing van de VAR overeind. In het verleden kon een opdrachtgever zekerheid ontlenen aan een VAR. Die zekerheid verdween met de Wet DBA. Als hulpmiddel voor de praktijk heeft de Belastingdienst daarom een stelsel van modelovereenkomsten ontwikkeld. Ook is het mogelijk een eigen overeenkomst aan de fiscus voor te leggen. Wordt volgens een gekozen (model)overeenkomst gewerkt, dan zou dit de opdrachtgever vrijwaring bieden. Maar het werken met een modelovereenkomst is niet verplicht, en indien er duidelijk sprake is van ondernemerschap en werken buiten dienstbetrekking ook niet nodig, zoals herhaaldelijk is aangegeven. De staatssecretaris constateert dat een aanzienlijk deel van de zzp’ers gewoon als zelfstandige aan de slag is, in veel gevallen zonder modelovereenkomst, omdat dat ook niet nodig is. Een deel van de zelfstandigen die voorheen buiten dienstbetrekking kon werken doet dat nu niet meer. Daar waar destijds eigenlijk sprake was van een dienstbetrekking maar door een verleende VAR daar geen gevolgen aan waren verbonden, betekent dit dat de wet goed heeft gewerkt. Doelstelling was immers het tegengaan van schijnconstructies. Maar ook zijn knelpunten gebleken en zijn opdrachtgevers soms ten onrechte terughoudend bij het inhuren van zelfstandigen. Ook de op 7 april ingestelde Commissie Boot, die onderzocht hoe de Belastingdienst de (model)overeenkomsten heeft beoordeeld, maakt melding van knelpunten. In haar eindrapport doet de commissie een aantal aanbevelingen. Zo acht de commissie het van belang dat er een beleidsbesluit komt waaruit duidelijk wordt hoe de Belastingdienst met het systeem van modelovereenkomsten omgaat. De staatssecretaris zegt zo’n besluit toe. De verlenging van de implementatietermijn is ook een van de aanbevelingen van de commissie. Om de terughoudendheid bij het inhuren van opdrachtnemers te voorkomen wil de staatssecretaris een coachende rol van de Belastingdienst: bij controles aanwijzingen geven voor de toekomst en de zekerheid geven dat er geen ‘achterwaartse’ naheffingen en boetes zullen worden opgelegd. Overigens zal de verlenging van de implementatieperiode niet gelden voor ‘kwaadwillende opdrachtgevers’. Voor hen geldt met ingang van 1 mei 2017 een (repressief) handhavingsbeleid. Medio 2017 wil Wiebes bekijken of een verdere verlenging van de implementatietermijn noodzakelijk is. Bron: MvF 18-11-2016

lees verder

Arbeidsbeperkt personeel vinden en aannemen zonder risico

21 November 2016

Vanaf 18 november 2016 wordt het werkgevers op twee manieren makkelijker gemaakt om mensen met een arbeidshandicap aan te nemen. Per die datum heeft het UWV de ‘kandidatenverkenner banenafspraak’ gelanceerd, een online personeelsbank met bijna 60.000 werkzoekenden met een arbeidsbeperking. En de polis die het werkgeversrisico van loondoorbetaling bij ziekte afdekt, wordt voor onbepaalde tijd geldig. Dat maakte staatssecretaris Jetta Klijnsma van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bekend op de Dag van de Ondernemer op 18 november 2016, tijdens een werkbezoek in het Westland.

De Eerste Kamer ging vorige week akkoord met het structureel maken van de no-riskpolis. Daardoor zijn werkgevers die iemand met een arbeidsbeperking aannemen er tot in lengte van jaren van verzekerd dat zij er financieel niet voor opdraaien als deze werknemer ziek wordt. Een belangrijke stap volgens Klijnsma, want het is belangrijk dat werkgevers minder risico’s ervaren zodat meer mensen vaste contracten krijgen. Dit draagt allemaal bij aan het verwezenlijken van de 100.000 banen voor mensen met een arbeidshandicap waar werkgeversorganisaties in het sociaal akkoord voor hebben getekend. De overheid doet daar nog eens 25.000 banen bovenop. Volgens staatssecretaris Klijnsma zijn veel ondernemers bereid zijn om mensen met een arbeidsbeperking een kans te geven, maar zien zij ook vaak beren op de weg. Het structureel maken van de no-risk polis zal velen over de streep trekken, verwacht de staatssecretaris. En de kandidatenverkenner kan helpen bij het vinden van de juiste personen voor de juiste plekken. Werkgevers kunnen in de verkenner direct en doelgericht zoeken in geanonimiseerde profielen. Daarin staat informatie over opleiding, arbeidsverleden, werkwensen en over de begeleiding van mensen met een arbeidsbeperking, als die nodig is. Met één muisklik wordt passend contact geregeld. Voor meer informatie: www.werk.nl/kandidatenverkenner Bron: Min SZW 18-11-2016

lees verder

Leeftijdbeperking in fiscale regeling scholingsaftrek kan

18 November 2016

In antwoord op prejudiciële vragen van de Hoge Raad heeft het Europese Hof van Justitie aangegeven dat een fiscale regeling waarbij op grond van leeftijd een verschil wordt gemaakt bij de aftrek van scholingsuitgaven niet in strijd hoeft te zijn met de Europese Richtlijn voor gelijke behandeling in arbeid en beroep (2000/78/EG). De zaak betrof een belastingplichtige die bezwaar had gemaakt tegen de regeling voor scholingsaftrek in de Wet IB 2001, waarbij hij als dertigplusser minder aftrek genoot dan jongere belastingplichtigen.

Op grond van art. 6.30 Wet IB 2001 (2009) komen scholingsuitgaven in aftrek voor zover het bedrag hoger is dan € 500 en niet tot een hoger bedrag dan € 15.000. Geen maximum geldt er via de zogenoemde standaardstudieperiode, dat wil zeggen een periode van niet meer dan 16 kalenderkwartalen (thans een aaneengesloten periode van vijf jaar) gelegen tussen de periode dat de belastingplichtige 18 jaar of ouder is , maar niet ouder dan 30 jaar. Een belastingplichtige, geboren in 1976, die in 2009 geen inkomen genoot, had over dat jaar een bedrag van € 44.057 in verband met een opleiding tot verkeersvlieger als scholingskosten opgevoerd. De inspecteur had hiervan slechts € 15.000 in aanmerking genomen. De man gaat in bezwaar en beroep. Hij maakt bezwaar voor het leeftijdsonderscheid dat in de wet wordt gemaakt. Het EU Hof oordeelt nu dat de belastingregeling weliswaar onderscheid maakt naar leeftijd, maar dat hiervoor een redelijke rechtvaardiging kan bestaan. Bijvoorbeeld het verbeteren van de positie van jongeren op de arbeidsmarkt en het stimuleren van het volgen van een beroepsopleiding door jongeren. Volgens het hof is niet gebleken dat de regeling verder gaat dan noodzakelijk is om het doel te bereiken. Het Hof concludeert dat de Europese Richtlijn voor gelijke behandeling in arbeid en beroep zich niet verzet tegen de Nederlandse regeling voor de aftrek van scholingsuitgaven. Wel moet de Hoge Raad nagaan of die regeling wordt gerechtvaardigd door een legitiem doel op het gebied van werkgelegenheids‑ en arbeidsmarktbeleid, en of de middelen voor het bereiken van dat doel passend en noodzakelijk zijn. In het op Prinsjesdag ingediende wetsvoorstel Wet fiscale maatregelen rijksmonumenten en scholing was de afschaffing van de scholingsaftrek per 1 januari 2018 opgenomen. Dit wetsvoorstel is inmiddels ingetrokken, waardoor ook de afschaffing van de scholingsaftrek (even) van de baan is. Minister Bussemaker (OC&W) heeft wel aangekondigd met een uitwerking te zullen komen van de voucherregeling die de fiscale regeling moet vervangen, zodat besluitvorming mogelijk is om per 2018 de fiscale aftrek scholingsuitgaven af te schaffen. Bron: HvJ 10-11-2016

lees verder

Langer de tijd voor laatste stappen PEB

17 November 2016

Staatssecretaris Wiebes geeft in een nota van wijziging bij het wetsvoorstel Wet Uitfasering PEB dga’s tot en met 31 maart 2017 de tijd om de laatste stappen te zetten die nodig zijn om het pensioen in eigen beheer aan te passen. Ook wijst de staatssecretaris er op dat in een vergadering van aandeelhouders het pensioen in eigen beheer premievrij moet worden gemaakt en de pensioenbrief moet worden aangepast.

Mede naar aanleiding van vragen uit de Tweede Kamer is duidelijk geworden dat voor de praktijk in sommige gevallen mogelijk te weinig tijd is om vóór inwerkingtreding van de betreffende wijzigingen (op 1 januari 2017) de nodige handelingen te verrichten. Daarom wordt met deze nota van wijziging een delegatiebepaling aan het voorstel van wet toegevoegd op basis waarvan de Minister van Financiën de mogelijkheid heeft om een extra periode te geven, waarin de directeuren-grootaandeelhouders (dga’s) de laatste stappen kunnen zetten die nodig zijn om het pensioen in eigen beheer (PEB) aan te passen aan de per 1 januari 2017 door te voeren wijzigingen. Deze termijn zal op drie maanden worden gesteld, conform de aankondiging in de brief waarmee deze nota van wijziging naar de Tweede Kamer wordt gestuurd. Uit de toelichting op de delegatiebepaling blijkt dat de termijn waarop het PEB premievrij moet zijn gemaakt en de pensioenbrief waarin de pensioenafspraken tussen het eigenbeheerlichaam en de dga zijn vastgelegd, wordt verlengd tot en met 31 maart 2017. De betreffende besluiten van de dga en eventueel nog andere aandeelhouders moeten in een aandeelhoudersvergadering worden vastgelegd. Door verlenging van de termijn wordt het onder meer mogelijk gemaakt om – desgewenst – vóór 1 april 2017 een extern verzekerd deel van een PEB over te dragen naar het eigenbeheerlichaam. Tevens wordt met de extra periode voorkomen dat dga’s die niet vóór 1 januari 2017 de noodzakelijke besluiten in een aandeelhoudersvergadering hebben genomen, vastgelegd en uitgevoerd, vanaf 1 januari 2017 direct met een fiscaal belaste pensioenaanspraak ter hoogte van de waarde in het economische verkeer van het PEB geconfronteerd worden. Bron: MvF 11-11-2016

lees verder

Nieuwe cao op komst

15 November 2016

Op 9 november jl. zijn de onderhandelingen over de totstandkoming van de eerste cao Kraamzorg gestart. Aan de onderhandelingen wordt deelgenomen door werkgeversorganisatie Bo Geboortezorg en de bonden FNV Zorg & Welzijn, CNV, NU’91 en FBZ.

Bo Geboortezorg is eind vorig jaar ontstaan uit een fusie van ActiZ Geboortezorg en BTN Sectie kraamzorg, waarbij ook SPOT kraamzorg zich heeft aangesloten. Bo Geboortezorg heeft bij haar oprichting aangegeven een flexibele eigen cao te willen die recht doet aan de eigenheid van de sector. Tot nu toe valt kraamzorg onder de cao van Verpleeg-, Verzorgingshuizen en Thuiszorg, Kraam- en Jeugdgezondheidszorg. Aan het overleg voor de nieuwe cao ging een gezamenlijke kick-offbijeenkomst vooraf, waarbij een eerste verkenning plaatsvond over de inhoud en structuur van de nieuwe cao Kraamzorg. Een commissie, bestaande uit vertegenwoordigers van Bo en de vakorganisaties, heeft zich de afgelopen maanden al gebogen over de beoogde tekst van de nieuwe cao. Inmiddels hebben al twee overlegrondes plaatsgevonden. Een volgend overleg staat gepland op 23 november. Bron: CNV 14-11-2016; Bo Geboortezorg 10-11-2016

lees verder