welcome! now you are in

let’s do some

I'm not a businessman, I'm

Bizznizz Partners B.V. accountants & adviseurs.

Als MKB ondernemer richt u zich voor de volle honderd procent op uw klanten en kernactiviteiten. Daar bent u goed in. Financiën zijn de brandstof voor uw onderneming. Voor uw financiële bedrijfsvoering heeft u een professionele accountant / adviseur nodig die dat uitstekend regelt. Niet alleen betrouwbaar en professioneel. Als adviseur ook zeer betrokken bij uw bedrijf, uw klanten en het product. Een accountant die een stap verder gaat in uw bedrijfsvoering. Die vanuit expertise en de laatste kennis, maar vooral vanuit betrokkenheid met en enthousiasme voor uw organisatie, naast u staat.

Door onze betrokkenheid en enthousiasme hebben wij een totaaloverzicht op uw bedrijf en realiseren we een proactieve samenwerking. Wij streven ernaar de oplossing al geregeld te hebben voordat u het probleem ervaart. Innovatief en met gevoel. Bizznizz accountants & adviseurs is een persoonlijke raadgever die in uw bedrijf en naast u functioneert als een vaste schakel. U krijgt daarmee financiële expertise op hoog niveau met een persoonlijke betrokkenheid binnen. Hierdoor kunt u zich volledig op uw kernactiviteiten richten.

Bizznizz accountants & adviseurs uw raadgever.

 

Over ons

Bizznizz accountants & adviseurs is een jonge organisatie van ervaren accountants en adviseurs. Wij vinden dat professionalisme en betrouwbaarheid een voorwaarde zijn voor een accountant, maar wij gaan verder. Dat brengt betrokkenheid met zich mee. Wij weten wat er speelt en hoe we ermee moeten omgaan. Dat doen we proactief en met enthousiasme. Volgens ons een voorwaarde voor optimale creativiteit en innovativiteit. Hierdoor staan wij midden in uw organisatie, als onderdeel en raadgever.

Bizznizz accountants & adviseurs levert integrale dienstverlening. Wij verbinden financiële plannen, fiscale vraagstukken, risicomanagement, overnames, offertes en alle andere dienstverlening met elkaar tot één geheel. Dat geeft overzicht en de mogelijkheid om slagvaardig te zijn. Met directe lijnen en altijd uw eigen contactpersoon. Zo zijn wij de raadgever die dicht bij u staat, altijd een stap verder.

Werkt Bizznizz accountants & adviseurs voor iedereen? Nee, want voor vertrouwen en betrokkenheid moet je elkaar aanvullen en aanvoelen. Dat geldt zowel voor ons uitgebreide netwerk als onze klanten. Alleen dan wordt 1 + 1 drie. Synergie. Dat is onze toegevoegde waarde. Nu en in de toekomst.

 

 

Accountancy

Financiële administratie

Samen met u zorgen wij voor inzicht in de financiën en voor een zo goed mogelijke inrichting van uw bedrijf. Een betrouwbare administratie laat zien hoe gezond een bedrijf is. Wij adviseren u over de beste manier om de administratie te voeren en helpen bij het juist interpreteren van de cijfers. Natuurlijk kunnen wij u ook administratieve ondersteuning leveren.

Financiële rapportage

Periodieke rapportages en jaarrekening kunnen wij voor uw bedrijf verzorgen. Hierdoor krijgt u inzicht in uw financiële situatie. Een tijdig opgeleverde rapportage of jaarrekening kan de basis zijn voor belangrijke managementbeslissingen. Daarnaast is een betrouwbare jaarrekening een belangrijke basis bij het onderhandelen over financiering, uitbreiding en bedrijfsovernames.

Digitaal werken

Bizznizz Partners streeft er naar om zoveel mogelijk digitaal te werken. De voordelen hiervan zijn dat u altijd inzage heeft in uw (actuele) cijfers. Ook kunnen wij makkelijk bij uw gegevens voor het geven van adviezen of voor ondersteuning van de werkzaamheden. De administraties sluiten altijd aan op de systemen van ons zodat de cijfers efficiënt verwerkt worden.

Bizznizz Partners maakt gebruik van de volgende software voor de financiële administraties:

  • Accountview

  • Exact Online

  • Twinfield

  • e-Boekhouden

Bizznizz Partners heeft binnenkort ook een eigen klantportaal. Met deze portaal (ook beschikbaar via een app) kunt u inloggen in uw eigen omgeving. In deze omgeving heeft u toegang tot uw gegevens zoals jaarrekeningen en specificaties. Tevens wordt u op de hoogte gehouden van de actualiteiten die voor uw branche relevant zijn. Diverse documenten kunnen na akkoord geaccordeerd worden zodat deze na akkoord direct worden verzonden naar de juiste instanties.  Ook kunt u documenten uploaden zodat deze voor ons inzichtelijk zijn.

 

Belastingadvies

Wij beschikken over de noodzakelijke kennis en ervaring om u te adviseren over de juiste toepassing van de Nederlandse belastingwetgeving. Voor particulieren op het gebied van inkomstenbelasting en schenk- en erfbelasting. Voor bedrijven op het gebied van vennootschaps-, loon-, dividend- en omzetbelasting.

In de praktijk hebben onze werkzaamheden onder meer betrekking op:

  • Fiscale planning voor ondernemer en directeur-grootaandeelhouder
  • Fiscale consequenties en planning voor bedrijfsopvolging
  • Het maken van afspraken met de belastingdienst en begeleiding bij controles door de belastingdienst
  • Belastingaangiften
  • Fiscale bezwaar- en beroepsprocedures begeleiden

 

Overige dienstverlening

Alleen als wij goed op de hoogte zijn van de ontwikkelingen kunnen wij goed adviseren. Wij willen graag meedenken over mogelijke verbeteringen van de bedrijfsvoering. Samen nemen wij de cijfers en ontwikkelingen door, analyseren deze en kijken naar vooruitzichten, begrotingen, budgetten en toekomstige stappen. Met onze kennis van de organisatie en ontwikkelingen in het algemeen fungeren wij als een klankbord.

Op de volgende gebieden kunnen wij u uitstekend begeleiden:

  • Herstructureringen
  • Financieringsvraagstukken
  • Risicomanagement
  • Bedrijfsopvolging – overnames

 

 

Contact

Nijverheidsstraat 29

Bizznizz Partners B.V. accountants & adviseurs
Nijverheidsstraat 29
1521 NG Wormerveer

e-mail: bizz@bizznizzpartners.nl
Telefoon: 075 - 767 62 82

Error 404

De pagina die u probeerde te bereiken bestaat niet.

Klik op ons logo om in te loggen in uw administratie

Bizznizz Partners werkt samen met het online boekhoudpakket “e-Boekhouden.nl”. Bizznizz Partners zorgt voor een geheel ingerichte administratie en zorgt ervoor dat u met gemak kan inloggen op uw eigen omgeving. Binnen deze omgeving kunt u uw administratie inzien, wijzigen, bankrekeningen automatisch koppelen en eenvoudig factureren in uw huisstijl. De administratie sluit aan op de systemen van Bizznizz Partners zodat de cijfers efficiënt verwerkt worden.

Waarom e-Boekhouden.nl?

 

Er zijn veel aanbieders binnen de online boekhoudwereld. Bizznizz Partners heeft gekozen voor e-Boekhouden omdat er sprake is van een goede prijs-kwaliteitsverhouding. Het pakket is eenvoudig in gebruik, maar toch compleet. Het pakket heeft vele functies die het administreren een stuk efficiënter en eenvoudiger maakt. Daarnaast heeft het pakket een goede klantservice met heldere handleidingen.

Kosten

 

Kosten online boekhouden per maand:

 

Modules

Prijs per maand excl, BTW

Boekhouden (onbeperkt aantal boekingen) € 5,95
Facturatie € 5,95
Klanttoegang € 6,95
Optioneel: Scan en herken (per factuur) € 0,19
Datalimiet tot 250 MB € 0,00
Extra gebruikers € 0,00
Administratiekosten Bizznizz € 5,00

De abonnementen zijn maandelijks opzegbaar en er zijn geen bijkomende kosten zoals onderhoudskosten. Er worden eenmalige kosten in rekening gebracht door Bizznizz Partners voor het inrichten van de administratie.

Enkele functies boekhoudpakket

 

  • Automatische koppeling banken (ABN-AMRO/Rabobank en ING):

Bizznizz Partners zal uw bankrekeningen koppelen met uw administratie. Door deze koppeling zal de administratie dagelijks de transacties ophalen. De administratie boekt automatisch de transacties die worden herkend op basis van factuurnummer. Ook bestaan er mogelijkheden voor het aanmaken van incasso’s en betalingen. Overige banken dienen te worden ingelezen met MT-940 bestanden.

  • Factureren, aanmanen en offertes beheren:

Vanuit de administratie is het mogelijk om te factureren in uw eigen huisstijl. De lay-out van de factuur is aanpasbaar. De facturen kunnen worden opgeslagen als Word bestand of PDF bestand. Tevens is het mogelijk om de factuur vanuit de administratie te e-mailen of af te drukken. De facturen worden automatisch geboekt in de administratie. Tevens is het mogelijk om aanmaningen te versturen vanuit de administratie. De administratie kan ook worden ingericht voor het maken en bijhouden van offertes.

  • Inscannen documenten en herkennen:

Doormiddel van het e-mailen naar een emailadres is het mogelijk om bijvoorbeeld inkoopfacturen in te scannen. Deze zijn dan makkelijk in te boeken in de administratie. Tevens is het mogelijk om de facturen te laten herkennen (€ 0,19 per factuur).

  • Eenvoudig overzicht generen (bijv. kolommenbalans, openstaande posten etc.).

  • BTW aangiften vanuit administratie rechtstreeks verzenden naar de Belastingdienst.

  • Automatische boekingen aanmaken (omschrijvingen controleren op bepaalde termen (bijv Nuon)).

  • Altijd en overal inzicht in administratie (ook voor Bizznizz Partners) door inloggen via internet en veilig werken via de Cloud.

  • Mogelijkheid om materiële vaste activastaat bij te houden en automatisch afschrijvingen te boeken.

  • Mogelijkheid om voorraad bij te houden.

  • Diverse koppelingen mogelijk met bijvoorbeeld Kamer van Koophandel, incassobureau, webshop, etc.

Hierbij wat handige video’s over het boekhoudpakket:

 

Starten in drie stappen:

 

Scan & Herken:

 

Afsluiten boekjaar:

 

Facturen direct laten betalen door middel van een link:

 

Hierbij wat overige handige video’s:

Ondernemen en de inkomstenbelasting

Je bedrijfskosten – wat kun je aftrekken

Je autokosten – wat kun je aftrekken

Inloggen


Informatie

 

Ontdek de mogelijkheden van BIZZNIZZ Online. In dit portaal ontvangt u voortaan heel gemakkelijk informatie van ons, zoals aangiftedocumenten, jaarrekeningen, publicatiestukken, overige correspondentie. Door onze klantenportaal blijft u ook op de hoogte van het laatste actuele nieuws. Ook is het mogelijk om eenvoudig en veilig informatie aan ons te versturen.

Altijd bereikbaar

Regel uw zaken vanaf elke locatie en op een moment dat u past. BIZZNIZZ Online is toegankelijk vanaf elke pc én via een gebruiksvriendelijke app op uw smartphone en tablet (te downloaden via links onderaan deze pagina).

Snel accorderen

Door gebruik te maken van BIZZNIZZ Online kunt u uw elektronische handtekening plaatsen op stukken die wij klaar zetten in BIZZNIZZ Online. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de aangifte omzetbelasting, aangifte inkomstenbelasting, jaarrekening en publicatiestukken. Indien de stukken akkoord worden gegeven zullen deze stukken direct online worden doorgestuurd naar de Belastingdienst, Kamer van Koophandel of bank. U heeft altijd toegang tot deze stukken via uw online archief.

Tevens is het mogelijk om dossier veilig te delen. In overleg met u, kunnen wij een dossier online aanbieden. Daarin kunnen wij stukken plaatsen die dan ter aller tijden voor u inzichtelijk zijn. Denk hierbij bijvoorbeeld aan  permanente stukken zoals huurovereenkomsten, diverse akten of materiële vaste activa staat. Ook is het mogelijk dat u stukken kunt uploaden naar ons. Wilt u meer informatie over deze optie, neem dan contact met ons op.

Kortom, met BIZZNIZZ Online heeft u een tool waarmee u altijd bij u gegevens kunt, de gegevens kunt goedkeuren en verzenden, op de hoogte blijft van het actuele nieuws en waarmee u makkelijk online vragen kunt stellen aan ons.

Met BIZZNIZZ Online kunt u onder meer:

  • Toegang actuele nieuwsberichten die voor uw branche relevant zijn.

  • Inzien en accorderen van BTW aangiften, fiscale aangiften, publicatiestukken en jaarrekeningen.

  • Mogelijkheid om documenten in te zien zoals jaarrekeningen en specificaties.

  • Uploaden van documenten zodat deze voor ons inzichtelijk zijn.

Neem contact op met uw relatiebeheerder voor meer informatie.

 


Download handleidingen

 

Startguide BIZZNIZZ Online

Voorblad startguide klein

 

Handleiding BIZZNIZZ Online

Voorblad handleiding

 

Handleiding toevoegen gebruikers

Voorblad gebruikers aanmaken


Download appstore


googleplayappstore


Film BIZZNIZZ Online

 

 

Actueel

Twee cao’s Schildersector

26 August 2016

Volgens FNV Bouw zullen werkgevers door het bereiken van een principeakkoord tussen OnderhoudNL en vakbond LBV straks twee cao’s moeten toepassen. De nieuwe cao en de oude cao 2013-2014 die met FNV en CNV Vakmensen is afgesloten.

De oude cao had een looptijd van 6 april 2013 tot en met 31 december 2014 en is voor bepaalde tijd aangegaan. FNV Bouw wijst erop dat doordat geen van de partijen deze cao heeft opgezegd, deze op basis van de wet cao stilzwijgend is verlengd. De cao kent daarom nog een looptijd tot 14 februari 2017. Werkgeversorganisatie OnderhoudNL is na het mislukken van de onderhandelingen met FNV en CNV Vakmensen in zee gegaan met LBV. Met deze bond is een nieuwe cao afgesproken met een looptijd van 1 oktober 2016 tot en met 30 september 2019. Belangrijke afspraak in deze cao betreft de mogelijkheid om af te wijken van de ketenbepaling. Afgesproken is dat er gebruik kan worden gemaakt van de uitzonderingspositie in de ketenbepaling binnen de Wet Werk en Zekerheid (WWZ) voor seizoensgevoelige branches. De onderbrekingsperiode van arbeidscontracten, ter voorkoming van een opvolgend contract, kan voor de sector – net als vóór de invoering van de WWZ – weer terug gebracht worden van zes naar drie maanden. FNV Bouw wijst erop dat LBV geen schilders onder haar leden heeft. Het tussen LBV en OnderhoudNL gesloten akkoord lijkt volgens FNV Bouw verder ‘verdacht veel’ op het eerder door hen afgewezen eindbod. Bron: FNV Bouw, 24-08-2016; OnderhoudNL 24-08-2016

lees verder

Uw adviseur van morgen

26 August 2016

De vraag wat de adviseur van morgen is, wordt met enige regelmaat gesteld. Vaak serieus, soms meer als tijdverdrijf. Een Brits onderzoek – van de Universiteit van Oxford – werpt een nieuwe licht op wat wel eens uw belastingadviseur van morgen zou kunnen zijn: een robot.

Onderzoekers van de universiteit deden in 2013 een onderzoek naar beroepenprofielen en de invloed daarop voor de toekomst. Het Nederlandse adviesbureau Jobpersonality vergeleek die onderzoeksresultaten met haar beroependatabase en kwam tot de volgende top 10 met beroepen met het risico op robotosering: belastingadviseur (99%); telemarketeer (99%); chauffeur bestelwagen (98%); makelaar (97%); brugwachter (97%); secretaresse (96%); tuinman (95%); magazijnmedewerker (95%); accountant (94%); slager (93%). Minder kans op robotosering lopen beroepen als pedagogisch medewerker, verpleegkundigde of - niet zo verrassend voor gezien de samenstellers van het lijstje - loopbaanadviseur. Kenmerk van beroepen met een laag robotiseringsrisico: sociaal en creatief. Laat dat nu juist kenmerken zijn waar menig (belasting)adviseur zich in zal herkennnen. Bron: Jobpersonality 23-08-2016

lees verder

Gastouder is geen ondernemer

26 August 2016

Gastouders die na bemiddeling door een gastouderbureau kinderen opvangen, kunnen door de vereisten in de Wet Kwo volgens Hof Arnhem-Leeuwarden niet worden aangemerkt als ondernemer. De gastouder bezit te weinig zelfstandigheid om als ondernemer te kunnen worden aangemerkt.

Een gastouder heeft in 2007 bemiddelingsovereenkomsten gesloten met twee gastouderbemiddelingsbureaus. In deze overeenkomsten is opgenomen dat de gastouder onder eigen verantwoordelijkheid kinderopvang biedt en uitvoert. De bemiddelingsbureaus bemiddelen tussen de gastouder en de ouders (die bij hun staan ingeschreven) en begeleiden het tot stand brengen van de kinderopvang. Tussen de stichting en het gastouderbureau bestaat geen arbeidsverhouding, alleen een zuivere bemiddelingsverhouding. Met ingang van het jaar 2010 heeft de gastouder haar inkomsten in haar aangifte IB aangegeven als winst uit onderneming en gebruik gemaakt van de ondernemersfaciliteiten. De aangifte IB 2011 wordt door de inspecteur gecorrigeerd. Naar een daartegen ingesteld beroep wordt de gastouder door Rechtbank Noord-Nederland in het gelijk gesteld. De inspecteur gaat tegen deze uitspraak in beroep bij het hof. Volgens het hof worden op grond van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen (Wet Kwo) strikte eisen gesteld aan bemiddelingsbureaus en, afgeleid daarvan, aan een gastouder. Zo wordt gereglementeerd aan welke vereisten bemiddelingsbureaus en gastouders moeten voldoen. De verplichtingen die uit de Kwo en de daarop gebaseerde regelgeving voortvloeien hebben invloed op de inhoud van de werkzaamheden en de wijze waarop deze door de gastouder moeten worden verricht. Bovendien wordt van het bemiddelingsbureau verwacht dat deze de naleving van de wet- en regelgeving door de gastouder nauwgezet controleert en handhaaft. Daarnaast bestaat slechts recht op kinderopvangtoeslag voor gastouderopvang als deze opvang plaatsvindt door tussenkomst van een geregistreerd bemiddelingsbureau. De gastouder heeft geen zelfstandig declaratierecht en zij heeft geen werkzaamheden verricht door tussenkomst van andere zorgaanbieders dan de bemiddelingsbureaus. Daarmee is de gastouder volgens het hof dusdanig afhankelijk van haar opdrachtgevers dat niet kan worden geoordeeld dat zij over de voor het ondernemerschap noodzakelijke zelfstandigheid beschikt. Daarbij maakt het niet uit dat sprake is van continuïteit van werkzaamheden, dat er een (bescheiden) debiteurenrisico wordt gelopen, dat gastouder in beginsel haar uurtarief zelfstandig kan bepalen en dat er in zekere mate een inkomensrisico wordt gelopen dat direct is gerelateerd aan het aantal op te vangen kinderen. Van enig investeringsrisico is voorts niets gesteld of gebleken. Het risico dat de gastouder geen werkgarantie heeft en bij vakantie of ziekte niet wordt betaald is niet van dien aard dat om die reden toch tot ondernemerschap zou moeten worden geconcludeerd. Bron: Hof Arnhem-Leeuwarden 17-08-2016

lees verder

Protocol vermiste personen

25 August 2016

De Belastingdienst heeft een protocol gepubliceerd voor het contact tussen achterblijvers van vermiste personen en de Belastingdienst. Dit protocol is ontwikkeld in samenwerking met Slachtofferhulp Nederland.

Achterblijvers van vermiste personen kunnen contact opnemen met Slachtofferhulp Nederland. Slachtofferhulp Nederland biedt ondersteuning voor psychologische, praktische en juridische hulp. Naar aanleiding van Kamervragen had staatssecretaris Wiebes begin dit jaar dat de Belastingdienst en Slachtofferhulp Nederland werken aan een protocol. Dit protocol is onlangs gepubliceerd en voorziet erin dat een achterblijver door Slachtofferhulp Nederland of door een medewerker van de Belastingdienst desgewenst kan worden verwezen naar een organisatieonderdeel van de Belastingdienst waar expertise is over hoe te handelen in geval van een vermissing. De Belastingdienst heeft hiervoor een centraal contactpunt ingesteld, het Coördinatiepunt Vermissing van Belastingdienst/Belastingen te Den Haag. Dit Coördinatiepunt fungeert als contactpunt voor de gehele Belastingdienst, dus inclusief Belastingdienst/Douane en Belastingdienst/Toeslagen. Het protocol moet zorgen voor een efficiënte en correcte bejegening van achterblijvers van vermiste personen door medewerkers van de Belastingdienst. Het is p een hulpmiddel voor medewerkers voor de wijze waarop zij met achterblijvers omgaan. Bron: Stcrt 2016, 43939

lees verder

Leaseauto bleef in gebruik: geen kosten verschuldigd

23 August 2016

Bij vertrek van een werknemer houdt de werkgever bij de eindafrekening de kosten voor het voortijdig beëindigen van de leaseovereenkomst in. De werknemer neemt namelijk de auto niet mee en er is geen andere werknemer die de leaseovereenkomst overneemt. De auto blijft echter bij de werkgever in gebruik en wordt niet ingeleverd. De kantonrechter wijst daarom de vordering van de werknemer tot uitkering van het ingehouden bedrag toe.

De werknemer is in 2014 bij de werkgever in dienst getreden. Aan hem is een bedrijfsauto ter beschikking gesteld. In de overeenkomst 'ter beschikkingstelling bedrijfsauto' is onder meer bepaald dat bij tussentijdse beëindiging van de leaseovereenkomst, bijvoorbeeld door het uit dienst treden van werknemer, de werknemer de beëindigingskosten verschuldigd is, tenzij de beëindiging aan werkgever verwijtbaar is of tenzij de leaseauto door de werknemer op eigen risico en kosten meegenomen kan worden naar een nieuwe werkgever. Per 1 oktober 2015 treedt de werknemer in dienst bij een andere werkgever. Zijn werkgever brengt hem daarop een bedrag van ruim € 6.000 in rekening vanwege vroegtijdige teruggave van de leaseauto, tenzij hij de leaseauto op eigen risico en kosten wil meenemen of het leasecontract wordt overgenomen door een collega. De werkgever houdt op het loon van de werknemer een bedrag in van € 1.036,58 in verband met 'boete teruggave auto' en op de eindafrekening vervolgens een bedrag van € 5.077,78. Volgens de werknemer was dit echter onterecht. Na het inleveren van de leaseauto is deze namelijk bij het bedrijf in gebruik gebleven. De leaseovereenkomst is dus niet tussentijds beëindigd. Als er al beëindigingskosten zouden zijn, kunnen ze niet op hem verhaald worden. Dit zou in strijd zijn met de redelijkheid en billijkheid. De werkgever moet bij de rechter erkennen dat de auto bij de onderneming in gebruik is gebleven en dat een collega daar nu gebruik van maakt. Het bedrijf deed dit om de schade te beperken. Het inleveren van de auto was namelijk – vanwege een boete bij voortijdige teruggave – nog duurder geweest, aldus de werkgever. Naar het oordeel van de kantonrechter is hierdoor voldoende komen vast te staan dat het leasecontract door een collega is overgenomen en dat de werknemer geen kosten verschuldigd was voor het voortijdig inleveren van de leaseauto. De werkgever heeft immers zelf aangegeven dat geen verschuldigd was indien een collega de leaseovereenkomst zou overnemen. Dat het bedrijf toch extra kosten maakt, omdat de collega die gebruik maakt van de auto geen bijdrage betaalt en feitelijk in een te dure auto rijdt, maakt dit niet anders, aangezien dit een keuze van de werkgever is geweest die de werknemer niet kan worden tegengeworpen. Bron: Rb. Midden-Nederland 10-08-2016

lees verder

‘Social return’ als aanbestedingseis

23 August 2016

Friese gemeenten gaan samenwerken bij hun poging om werklozen aan de slag te krijgen bij bedrijven, die overheidsopdrachten uitvoeren. Een ambtenaar op het provinciehuis die inzicht heeft in alle contracten en activiteiten voor ‘social return’ , zal als coördinator optreden.

Friese gemeente hanteren een ‘social return’ als aanbestedingseis voor bedrijven om een gemeentelijke opdracht binnen te krijgen. De bedoeling is dat zij voor de opdracht tijdelijk werklozen in dienst nemen. In de praktijk lopen ondernemers daarbij tegen problemen op. Het kwam bijvoorbeeld voor dat een ondernemer een werkloze tijdelijk in dienst nam voor een opdracht, de betreffende werknemer hiervoor ook naar een opleiding stuurde, die dan weer moest worden afgebroken als de klus in de ene gemeente voltooid is en een volgende gemeente eist dat een werkzoekende uit die gemeente in dienst wordt genomen. Nu is afgesproken dat betrokkene zijn opleiding kan afronden, ook al is de opdracht uit de ‘eigen’ gemeente inmiddels voltooid. Het aantal werkzoekenden dat kan profiteren van ‘social return’ varieert van jaar tot jaar: van vele tientallen tot enige honderden. De branches kunnen sterk uiteenlopen: van wegenbouwbedrijven tot kabelleggers en welzijnsinstellingen. En als bij de uitvoering van de eigenlijke opdracht geen werkzoekende valt te plaatsen kijken de gemeenten ook of intern bij de opdrachtnemer een werkzoekende kan worden geplaatst, bijvoorbeeld voor schoonmaakwerk. Bron: Leeuwarder Courant 14-08-2016

lees verder

Groei omvang bedrijventerreinen

22 August 2016

De oppervlakte van bedrijventerreinen in Nederland is tussen 1996 en 2012 met 30% toegenomen. Deze toename is verdeeld over het hele land, maar de grootste toename is te vinden in de kleinere gemeenten.

In 1996 is 1,9 procent van de landoppervlakte ingericht als bedrijventerrein. In 2012 is dat toegenomen naar 2,5%. In een periode van 16 jaar is er in Nederland een gebied bijna zo groot als het land van de gemeente Rotterdam bijgekomen ten behoeve van bedrijven. Rotterdam heeft van alle Nederlandse gemeenten de grootste oppervlakte bedrijventerrein (bijna 6.000 hectare). Meer dan een kwart van die gemeente is in gebruik als bedrijventerrein (waaronder de haven en de Maasvlakten). Amsterdam volgt met ruim 2500 hectare aan bedrijventerreinen, waaronder net als in Rotterdam het grootste deel bij de havens. Andere gemeenten met veel bedrijventerrein zijn Sittard-Geleen en Terneuzen (beide chemische industrie). De groei van bedrijventerreinen komt voor in heel het land. In 1996 was in één op de zes gemeenten meer dan 5% van de oppervlakte land bestemd als bedrijventerrein, in 2012 is dat toegenomen naar meer dan één op de vijf gemeenten. In de gemeente Rotterdam groeide de omvang bedrijventerreinen met 1113 hectare (+23%) in 16 jaar het meest, gevolgd door Amsterdam, in deze gemeente nam de omvang met 497 hectare toe (+24%). Verder groeide de omvang van bedrijventerreinen in de gemeenten Moerdijk, Haarlemmermeer, Venlo, Emmen, Tilburg en Almere met meer dan 250 hectare. Niet in alle gemeenten nam de omvang van de bedrijventerreinen toe, in 28 gemeenten bleef de omvang gelijk of daalde het. Het verdwenen bedrijventerrein wordt voornamelijk omgezet in bouwterrein. De oppervlakte aan bedrijventerreinen is in 16 jaar met 30 procent toegenomen. Die toename is groter dan vrijwel alle andere vormen van bodemgebruik. De oppervlakte bedrijventerrein in de vier grootste gemeenten (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht) nam met 23% toe tussen 1996 en 2012. Voor de gemeenten met minder dan 100.000 inwoners is de toename 31% (bijvoorbeeld Moerdijk 61%). Bron: CBS 19-08-2016

lees verder

OR maakt geen overdreven gebruik van initiatiefrecht

19 August 2016

Een op de drie ondernemingsraden (34%) heeft in 2015 geen gebruik gemaakt van het initiatiefrecht, en 27% een enkele keer. Dit blijkt uit de SBI Formaat MonitOR 2015-2016, een periodiek onderzoek naar de stand van de medezeggenschap.

Het initiatiefrecht is geregeld in de Wet op de ondernemingsraden (art. 23 lid 3 WOR). Dankzij dit artikel hoeven ondernemingsraden niet te wachten tot de bestuurder ze iets vraagt en kunnen ze over alles wat ze aangaat eigen voorstellen op de agenda van de overlegvergadering zetten. Daarvoor kunnen ze ook gebruikmaken van andere rechten die in de WOR geregeld zijn, zoals het recht op informatie of het recht op achterbanraadpleging. De bestuurder is verplicht om er in de overlegvergadering over te spreken en daarna een schriftelijke en gemotiveerde reactie te geven. Als hij zo'n reactie achterwege laat, kan de OR de kantonrechter vragen om hem daartoe te verplichten. Het initiatiefrecht staat in hoog aanzien bij iedereen die voorstander is van vitale, actief opererende ondernemingsraden. In 2015 maakten ondernemingsraden er gemiddeld 1,6 keer per jaar gebruik van. Het recht werd in 2015 vaker ingezet dan het jaar ervoor. De verwachting is dat dit in 2016 opnieuw zal toenemen. Bron: Inzicht in de OR, 11-08-2016

lees verder

Loonstijging nog steeds afhankelijk van sector

18 August 2016

Uit het jongste maandbericht van werkgeversvereniging AWVN over het verloop van de cao-onderhandelingen blijkt dat loonstijging die wordt afgesproken nog steeds sterk samenhangt met de sector: bij industriële, exporterende bedrijven worden de hoogste afspraken gemaakt, in de financiële en zakelijke dienstverlening de laagste. Een uitzondering op dit al jarenlang aanhoudende beeld vormt de overheid, waar sprake is van een inhaalslag.

In industriële exporterende bedrijven werden in de dit jaar afgesloten cao’s afspraken gemaakt voor een loonstijging van gemiddeld 1,7%. In de financiële en zakelijke dienstverlening bedroeg de loonafspraak slechts 1,1%. Het gemiddelde van de loonafspraken bedroeg 1,5%. De sterke samenhang tussen loonafspraken en markt waarin een bedrijf opereert, is al een aantal jaren zichtbaar. Vooral bij de direct door de financiële crises getroffen sectoren, bijvoorbeeld banken en verzekeraars, bleek en blijkt de loonruimte zeer beperkt. Dat geldt ook voor bedrijven en sectoren die vooral van de door vraaguitval getroffen binnenlandse markt afhankelijk zijn, bijvoorbeeld de detailhandel (loonafspraak gemiddeld 1,3%). AWVN signaleert wel een afname van de zogenaamde ‘loondifferentiatie’ doordat ook in die een toenemend aantal bedrijven de crisis achter zich heeft gelaten. Hierdoor wordt het gemiddelde in de sector omhoog geduwd. In juli werden 23 nieuwe akkoorden gesloten. De door werkgevers en werknemers vorige maand afgesloten cao’s kennen een loonafspraak van 1,5%, gelijk aan het gemiddelde van de eerste zes maanden van 2016. Bron: AWVN 17-08-2016

lees verder

VAR-wuo terecht herzien in VAR-loon

18 August 2016

De VAR is inmiddels verleden tijd, maar procedures rondom de VAR lopen nog. Of er nog een belang was bij de procedure nu een verlenging van de VAR niet meer aan de orde is, was een van de vragen in een procedure voor Rechtbank Gelderland.

De zaak betrof een kraamverzorgster van wie de VAR-wuo was omgezet in een VAR-loon. Zij verrichtte in 2014 werkzaamheden voor 26 kraamzorgvragers. In ongeveer 60% van de gevallen melden de zorgvragers zich bij haar. Zij brengt deze zorgvragers aan bij een toegelaten instelling waarmee zij een overeenkomst heeft. In 40% van de gevallen schrijven de zorgvragers zich rechtstreeks in bij de zorginstelling, waarna deze de kraamverzorgster benadert voor de uitvoering van de werkzaamheden. De kraamverzorgster kan niet rechtstreeks aan de zorgverzekeraar factureren, dit is wettelijk onmogelijk. Factureren aan de zorgvragers is niet gebruikelijk, omdat de gezinnen niet alle kosten van de verzekeraar terugkrijgen in dat geval. De zorginstelling heeft wel een overeenkomst met zorgverzekeraars gesloten op grond waarvan zij kraamzorg in natura verleent. De kraamverzorgster factureert aan die zorginstelling. De kraamverzorgster heeft automatisch een VAR-wuo voor 2014 ontvangen. De Belastingdienst heeft in oktober 2014 een onderzoek uitgevoerd naar de juistheid van de afgegeven VAR-wuo en deze daarna omgezet in een VAR-loon. De kraamverzorgster gaat in bezwaar en beroep en wil ook een schadevergoeding vanwege inkomensverlies en de stress die de zaak heeft veroorzaakt. Volgens de inspecteur was er geen procesbelang meer bij de zaak: het betreffende kalenderjaar is inmiddels geëindigd en ook een verlenging van de VAR is met ingang van 1 mei 2016 niet meer aan de orde. De rechtbank oordeelt echter dat er wel sprake is van een procesbelang. Een indiener van een rechtsmiddel heeft alleen geen procesbelang als het aanwenden van het rechtsmiddel hem niet in een betere positie kan brengen ten aanzien van het bestreden besluit. Ondanks dat het jaar 2014 al is geëindigd, en de verlening tot 1 mei 2016 van de VAR ook voorbij is, heeft de kraamverzorgster belang bij het oordeel over het beroep in verband met de gevraagde schadevergoeding. Daarin was volgens de rechtbank het procesbelang gelegen. Overigens hielp dit de kraamverzorgster niet: volgens de rechtbank was de VAR terecht omgezet in een VAR-loon. Het beroep is ongegrond en zij heeft geen recht op een schadevergoeding. Bron: Rb. Gelderland 9-08-2016

lees verder

Gratis platform voor modelovereenkomsten

17 August 2016

OnestopSourcing heeft de website www.modelovereenkomstmaken.nl gelanceerd. De website biedt zzp’ers en opdrachtgevers de mogelijkheid om kosteloos een modelovereenkomst op te stellen volgens de criteria, die sinds 1 mei 2016 op grond van de wet DBA van kracht zijn geworden.

De website is ontwikkeld om op eenvoudige wijze zowel de opdrachtgever als de zzp’er te leiden naar de juiste modelovereenkomst. Passend bij de persoonlijke situatie en de opdracht. De website biedt een keuzehulp waarin alle onderdelen die aan de basis staan van de modelovereenkomst aan bod komen. Na het doorlopen van de keuzehulp wordt aangegeven of de opdracht geschikt is om als ondernemer uit te voeren. Ook wordt men - afhankelijk van de gegeven antwoorden - gewezen op punten die zouden kunnen wijzen op schijnzelfstandigheid. Vervolgens wordt de mogelijkheid geboden om een van de door de Belastingdienst gepubliceerde algemene modelovereenkomsten te selecteren en die met behulp van een invulhulp in te vullen. Bron: ZZP Barometer

lees verder

Arbeidsdeskundige aansprakelijk voor opgelegde loonsanctie

16 August 2016

Een werkgever stelt met succes een arbeidsdeskundige aansprakelijk vanwege een opgelegde loonsanctie. Volgens Hof Den Haag was er een causaal verband tussen het tekortschieten van de deskundige in zijn advisering en de uiteindelijk door het UWV opgelegde sanctie.

Een werkgever krijgt van het UWV een loonsanctie opgelegd omdat hij te laat is gestart met een tweede spoortraject. In de daaropvolgende bezwaar- en beroepsprocedure vangt de werkgever bot, maar hij laat het niet daarbij zitten: hij spreekt de door hem ingeschakelde arbeidsdeskundige aan. Hij vordert een schadevergoeding. De rechtbank stelt hem niet het gelijk, maar in hoger beroep bij Hof Den Haag heeft hij wel succes. De arbeidsdeskundige stelt in hoger beroep slechts een adviserende rol te hebben en dat de werkgever zelf verantwoordelijk is voor de re-integratie. Volgens de werkgever had de arbeidsdeskundige echter meer dan een adviesrol omdat hij in deze zaak ook casemanager was. Of de rol van de arbeidsdeskundige beperkt was tot slechts adviseren of niet kan echter volgens het hof in het midden blijven. Ook als wordt uitgegaan van alleen een adviserende rol had hij volgens het hof niet aan zijn verplichtingen voldaan. Als arbeidsdeskundige onderhield hij contact met de werkgever, de werkneemster, de bedrijfsarts en het UWV. Al in een vroeg stadium adviseerde de bedrijfsarts het tweede spoor in te zetten. Van een redelijk handelend en redelijk bekwaam register-arbeidsdeskundige mocht volgens het hof worden verwacht dat hij naar aanleiding van dit contact zou hebben gezocht met de werkgever en zou hebben geadviseerd het tweede spoor in te zetten. Op dit punt is hij tekortgeschoten. Daar het te laat inzetten van het tweede spoor de belangrijkste reden was voor het opleggen van de loonsanctie, is er volgens het hof een causaal verband tussen het tekortschieten en de opgelegd sanctie. Het hof kent de werkgever een schadevergoeding toe voor loonschade (ruim € 29.000) en een deel van de advocaatkosten in verband met de bezwaar en beroepsprocedure tegen de beslissing van het UWV. Bron: Hof Den Haag 26-07-2016

lees verder

Minder kosten kennismigrantenregeling voor kleine bedrijven

15 August 2016

De kosten om gebruik te kunnen maken van de kennismigrantenregeling worden voor kleine bedrijven per 1 januari 2017 verlaagd. Begin juli kondigde staatssecretaris Dijkhoff in een Kamerbrief aan dat hij de kosten voor leges wil verlagen.

Om gebruik te kunnen maken van de kennismigrantenregeling en op die manier een soepele werkwijze en korte doorlooptijden te realiseren voor een verblijfsvergunning als kennismigrant moet een bedrijf geregistreerd zijn als erkend referent bij de IND. Op dit moment zijn de leges om erkend referent te worden €5183. Een bedrijf hoeft zich in principe eenmaal te laten erkennen, om daarna via de verkorte procedure kennismigranten naar Nederland te kunnen laten komen. Voor kleine bedrijven en start-ups is dit een grote drempel. In verband hiermee wordt deze drempel per 1 januari 2017 verlaagd naar € 2.592 voor bedrijven die kunnen aantonen dat ze 50 of minder werknemers in dienst hebben. Ook bedrijven die reeds erkend zijn en van rechtsvorm wijzigen en alleen daarom opnieuw een aanvraag om erkenning als referent moeten indienen gaan dit lagere tarief betalen. Wel worden tegelijkertijd de leges voor het aanvragen van een verblijfsvergunning voor een kennismigrant verhoogd van € 881 naar € 910 per vergunningaanvraag. De voorstellen om leges te gaan invoeren voor het aanvragen van tewerkstellingsvergunningen bij het UWV komen te vervallen. In een Kamerbrief schrijf minister Asscher dat de verwachte structurele netto opbrengst van deze leges beperkt is en niet in verhouding staat tot de extra uitvoeringskosten voor het UWV. Werkgeversorganisatie AWVN vindt de verlaging van de kosten voor het erkend referentschap een goede zaak, maar een bedrag van € 2.592 blijft volgens AWVN veel en blijft een drempel voor kleine bedrijven. Datzelfde geldt voor de leges voor de aanvraag van een verblijfsvergunning. Bron: AWVN 12-08-2016

lees verder

Geen loon, geen arbeidsovereenkomst

15 August 2016

Een vrouw die - na afloop van een zorgovereenkomst/arbeidsovereenkomst - haar dochter blijft verzorgen deed dat volgens de Centrale Raad van Beroep niet meer in dienstbetrekking. Een belangrijk element - loonbetaling - ontbrak namelijk.

Een vrouw die - na afloop van een zorgovereenkomst/arbeidsovereenkomst - haar dochter blijft verzorgen deed dat volgens de Centrale Raad van Beroep niet meer in dienstbetrekking. Een belangrijk element - loonbetaling - ontbrak namelijk. Een vrouw verzorgt sinds 1994 haar dochter die in dat jaar is getroffen door een ongeval. Vanaf 1 april 2008 vindt de verzorging en verpleging plaats op grond van een zorgovereenkomst/arbeidsovereenkomst. Deze overeenkomst is gesloten met de curator van de dochter. De verzorging en verpleging worden betaald uit een persoonsgebonden budget (pgb) gedurende 56 uur per week tegen een uurloon van € 14 per uur. De overeenkomst eindigt direct als het Zorgkantoor beslist dat er geen recht meer is op het pgb. Het Zorgkantoor eindigt het pgb met ingang van 9 maart 2011. De curator beëindigt de overeenkomst. De vrouw blijft haar dochter verzorgen en verplegen, totdat zij op 15 januari 2012 in een zorginstelling verblijft. Voor rechtbank Maastricht vordert zij dat de curator haar loon betaalt over maart 2011 tot en met oktober 2011 en het loon totdat de overeenkomst rechtsgeldig is beëindigd. De rechtbank wijst haar vordering af. Op 7 augustus 2012 meldt zij zich per 15 februari 2012 ziek. Het UWV beslist dat zij geen recht heeft op ziekengeld omdat zij niet is verzekerd voor de Ziektewet. De vrouw tekent hiertegen bezwaar aan. Het UWV verklaart het bezwaar ongegrond, waarna de vrouw in beroep gaat bij rechtbank Limburg. De rechtbank beslist dat er geen sprake is van werkgeversgezag, omdat de dochter als gevolg van het ongeval zwaar hersenletsel heeft opgelopen. Er is geen sprake van ondergeschiktheid en het voldoen aan instructies van de dochter als werkgever. De vrouw gaat in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep. Zij is van mening dat de rechtbank geen rekening heeft gehouden met de bevoegdheid van de curator om haar instructies te geven. Die bevoegdheid hiertoe blijkt uit zijn competenties om haar dochter in een zorginstelling te plaatsen. Hiermee kwalificeert de curator haar werkzaamheden negatief. Ook heeft de curator haar begin 2011 ziek en weer beter gemeld. Bovendien zijn de loondoorbetalingen door toedoen van de curator ten onrechte gestopt. De Centrale Raad van Beroep volgt niet het standpunt dat de loondoorbetalingen ten onrechte zijn gestopt. Op grond van het bepaalde in de overeenkomst eindigt deze zodra het pgb eindigt. Op basis daarvan bestaat na 9 maart 2011 geen verplichting tot meer loonbetaling. Ondanks dat de vrouw nog ruim een jaar haar dochter heeft verzorgd is dat niet geschied op basis van de overeenkomst. Hierdoor ontbreekt één van de elementen van een dienstbetrekking: betaling van loon. Daardoor is er geen sprake van een dienstbetrekking. De vrouw is niet aan te merken als werknemer in de zin van de werknemersverzekeringen. Zij is hierdoor niet verzekerd en zij kan geen aanspraak maken op ziekengeld. Het hoger beroep slaagt niet. Bron: CRvB 3-08-2016

lees verder

Boete voor zwartspaarder gematigd

12 August 2016

De boete voor een zwaarspaarder, die in de beroepsfase alsnog openheid van zaken geeft, werd door de rechter gematigd.

De vrouw beschikte over een rekening bij Van Lanschot Bankiers Luxembourg SA. In haar aangifte had zij hier echter geen melding van gemaakt. In het kader van het rekeningenproject van de Belastingdienst kwam ook haar naam boven tafel en de inspecteur stuurde haar een vragenbrief met een formulier 'Verklaring in het buitenland aangehouden bankrekening(en)' en een formulier 'Opgaaf in het buitenland aangehouden bankrekening(en)'. Vervolgens krijgt de vrouw een navorderingsaanslag IB/PV opgelegd en een vergrijpboete van 100% van de boetegrondslag op. De zwartspaarder maakt bezwaar tegen de navorderingsaanslag en de vergrijpboete. Aanvankelijk heeft zij steeds ontkend een rekening bij Van Lanschot Bankiers te Luxemburg te hebben aangehouden. In de beroepsfase geeft zij echter alsnog openheid van zaken. In de beroepsfase is in geschil of de inspecteur voldoende voortvarend heeft gehandeld bij het opleggen van de navorderingsaanslag, of de boete tot het juiste bedrag is opgelegd en of zij recht heeft op vergoeding van de door haar geleden immateriële schade vanwege de duur van het geschil. Vanwege de overschrijding van de redelijke termijn in bezwaar en beroep krijgt de vrouw een immateriële schadevergoeding toegekend. Ook wordt om die reden de boete met 20% gematigd. Ter zitting heeft de rekeninghouder zich nader op het standpunt gesteld dat de boete verminderd dient te worden tot 90% van de boetegrondslag, omdat zij in de beroepsfase alsnog opening van zaken heeft gegeven. Tezamen met de verlaging van de boete vanwege termijnoverschrijding levert dat uiteindelijk verlaging tot 72% op. Bron: Rb Noord-Nederland, 22-12-2015 (publ. 4-08-2016)

lees verder

Meldpunt misstanden bouwplaatsen

11 August 2016

FNV Bouw gaat een meldpunt openen waar bouwvakkers anoniem gevaarlijke situaties op de bouwplaats kunnen melden. De bond is momenteel bezig met het inrichten van het meldpunt dat naar verwachting in september van start gaat.

Aanleiding voor het meldpunt zijn signalen van onregelmatigheden die bij de bond binnenkomen. Volgens de bond worden bouwvakkers vaak gestraft als ze bij hun opdrachtgever klagen. Vooral Poolse en Roemeense uitzendkrachten durven volgens FNV Bouw hun mond niet open te trekken, omdat ze bang zijn om hun baan te verliezen. Volgens FNV Bouw is een belangrijke oorzaak van ongelukken miscommunicatie. Vooral kraanmachinisten hebben last van de communicatieproblemen. Uit cijfers van de Inspectie SZW blijkt dat het aantal dodelijke ongevallen in de bouw fors is gestegen. In de eerste 6 maanden van dit jaar kwamen 42 bouwvakkers door een ongeluk op het werk om het leven. In dezelfde periode vorig jaar waren dat er 27. Bron: FNV Bouw, 02-08-2016

lees verder

Huishoudens brengen merendeel milieubelastingen op

10 August 2016

Vorig jaar werd er € 24,6 miljard aan milieubelastingen en milieuheffingen door de overheid geïncasseerd. Het grootste deel hiervan (twee derde) werd opgebracht door huishoudens.

De overheid inde in 2015 iets meer dan € 20 miljard aan milieubelastingen en ruim € 4,5 miljard aan milieuheffingen. Milieubelastingen komen in de algemene middelen van de overheid en zijn vooral gekoppeld aan het bezit en gebruik van auto’s en het energieverbruik. Het betreft de volgende belastingen en accijnzen: Motorrijtuigenbelasting: 5,5 miljard Energiebelasting: 4,5 miljard Accijns op brandstof: 7,9 miljard BPM: 1,5 miljard Milieuheffingen worden opgelegd om specifieke milieudiensten te financieren. Het betreft hoofdzakelijk de volgende heffingen: afvalstoffenheffing: 1,8 miljard rioolrechten: 1,5 miljard afvalwaterheffing: 1,2 miljard. Daarnaast wordt aan diverse kleinere milieubelastingen en –heffingen ca. € 0,8 miljard geïnd. De meeste heffingen worden opgebracht door huishoudens. Hoewel producenten verantwoordelijk zijn voor 80% van de uitstoot van broeikasgassen, betalen zij nog niet de helft van de belastingen op energie. Dit betekent dat huishoudens, die nog geen vijfde bijdragen aan de uitstoot van broeikasgassen, meer dan de helft betalen. Dit komt mede doordat de tarieven van de energiebelasting hoger zijn voor kleinverbruikers zoals huishoudens en lager voor grootverbruikers zoals producenten. Het aandeel van de milieubelastingen en -heffingen in de totale belastingopbrengsten kwam in 2015 uit op 15,7%. Dit percentage daalt al vier jaar op rij. In 2011 bedroeg het aandeel milieubelastingen en -heffingen in de totale belastingopbrengsten nog 17,1%. De opbrengst van milieubelastingen en -heffingen nam wel jaarlijks toe, maar de totale belastingopbrengsten groeiden harder. Vergeleken met andere Europese landen is het aandeel van de milieubelastingen in Nederland hoog. In 2014 maakten de ontvangen milieubelastingen en -heffingen 9% uit van alle ontvangen belastingen inclusief sociale premies. Het gemiddelde van de 28 landen in de Europese Unie was 6,4 procent. Bron: CBS 10-08-2016

lees verder

Voormalig schoolgebouw nog geen woning

9 August 2016

Met ingang van 15 juni 2011 geldt voor de verkrijging van woningen een verlaagd tarief van 2% Overdrachtsbelasting. In een recente uitspraak heeft Rechtbank Noord-Nederland aangegeven dat voor toepassing van dit verlaagde tarief er op moment van levering het onroerend goed al bestemd moet zijn voor bewoning.

Op 23 december 2014 verkoopt een gemeente een voormalig schoolgebouw voor € 58.000. Over de koopsom heeft de nieuwe eigenares 6% overdrachtsbelasting voldaan. Al in oktober had zij de sleutels en is zij begonnen met een verbouwing (o.a. vaste trap, zolderraam). Tot oktober 2014 was dit karakteristieke pand uit de dertiger jaren in gebruik was als peuterspeelzaal. Op Funda was het pand aangeboden onder vermelding ‘Bestemming wonen en werken, mits goedkeuring van de gemeente’. Bij de kenmerken stond vermeld: ‘Eengezinswoning, vrijstaande woning (bedrijfs- of dienstwoning)’. In de begin november getekende koopovereenkomst was opgenomen dat de koper bekend is met het voornemen van B&W om de bestemming van het pand te wijzigen van ‘maatschappelijk’ in ‘wonen’. Dit wordt nogmaals bevestigd in een mail van een medewerker van de gemeente aan de nieuwe eigenares. Hierin schrijft de medewerker dat gebruik voor wonen/werken strikt formeel gezien nog in strijd is met het bestemmingsplan, maar dat de gemeente bereid is het bestemmingsplan aan te passen. Tegen de bij de koop betaalde 6% overdrachtsbelasting gaat de nieuwe eigenares in bezwaar en beroep. Volgens de eigenares is het 2%-tarief van toepassing omdat de gemeente het pand had aangeboden als ‘voormalig schoolgebouw’ met ‘bestemming wonen en werken’. Ook was het pand geschikt voor bewoning. De inspecteur bestrijdt dit. Volgens hem was het pand ten tijde van de levering naar zijn aard niet bestemd voor bewoning omdat de bestemming nog niet was gewijzigd. Ook zou uit de foto’s op Funda blijken dat de onroerende zaak naar zijn aard niet was bestemd voor bewoning. De rechtbank overweegt dat de onroerende zaak voorafgaand aan de verkrijging door de nieuwe eigenares nooit bestemd en/of in gebruik is geweest als woning. Bovendien had de onroerende zaak ten tijde van de overdracht geen woonbestemming. Dat de gemeente voornemens was de bestemming te wijzigen doet daar niet aan af. Evenmin is relevant dat de onroerende zaak ook vóór de verbouwing geschikt was om in te wonen, nu vereist is dat de onroerende zaak naar zijn aard bestemd was om in te wonen. Uit de Memorie van toelichting bij art. 14 van de Wet BRV volgt volgens de rechtbank dat een onroerende zaak die geen woning is, maar daartoe wordt verbouwd, niet onder het 2% tarief valt. Dit betekent dat terecht 6% overdrachtsbelasting op aangifte is voldaan. Bron: Rb. Noord-Nederland 7-07-2016 (publ. 25-07-2016)

lees verder

Klein deel zzp’ers met korte werkweek wil meer werken

9 August 2016

Ruim honderdduizend zzp’ers heeft een werkweek van niet meer dan 12 uur. Toch wil slechts een klein deel hen, 30%, meer uren werken. Zzp’ers met een kleine werkweek zijn gemiddeld ouder dan zzp’ers met een werkweek van meer uren. Ook beschikt een groot deel van hen over aanvullende inkomsten, zoals een (vroeg)pensioen.

Het aantal zzp’ers met een werkweek van minder dan 12 uur is tussen 2004 en 2015 gegroeid van 76.000 naar 112.000. 60% van hen is tussen de 55 en 75 jaar (32% zelfs ouder dan 65). Bij de deeltijd zzp’ers met meer uren en de voltijd-zzp’ers ligt dat percentage aanmerkelijk lager: respectievelijk 34% en 24%. Voor alle drie de groepen geldt dat ze hoger zijn opgeleid dan gemiddeld. Van de ‘kleine’ zzp’ers heeft 43% ten minste een hbo-opleiding voltooid. Bij de overige deeltijd-zzp’ers is dit 47% en bij de voltijders 37%. Van de gehele beroepsbevolking heeft 34% minimaal hbo. Van de zzp’ers die minder dan 12 uur werken vindt de meerderheid de omschrijving werkende of werkloze niet het beste bij hen passen. Ruim een kwart ziet zichzelf als gepensioneerde en 17% omschrijft zichzelf als huisvrouw of -man. Van degenen die zich werkende (26%) of werkloze (11%) noemen geeft een meerderheid (54%) aan meer uren te willen werken. Een op de vijf kleine zzp’ers is in 2015 ook daadwerkelijk meer uren gaan werken dan in 2014. Ruim tien jaar terug was dat percentage aanmerkelijk lager: in 2004 ging slechts 10% van kleine zzp’ers meer uren werken dan in 2003. Ruim de helft van de kleine zzp’ers bleef ook in 2015 minder dan twaalf uur per week werken. Een kwart stopte als zzp’er, de helft van hen was daarna niet meer actief op de arbeidsmarkt. Kleine zzp’ers haalden in 2014 uit hun eigen onderneming een inkomen van gemiddeld € 8.900. Voor de helft van hen was het inkomen uit onderneming echter lager dan € 2.800. Deeltijd-zzp’ers met een grotere werkweek verdienden gemiddeld € 21.400, bij voltijders lag dat inkomen op gemiddeld € 38.300. Met hun overige inkomstenbronnen erbij opgeteld beschikten kleine zzp’ers echter over een persoonlijk bruto inkomen van gemiddeld € 31.100, net iets hoger dan het totale gemiddelde inkomen van zzp’ers met een werkweek van 12 tot 35 uur (gemiddeld € 29.600). Dit komt doordat kleine zzp’ers naar verhouding veel meer aanvullende inkomsten hebben dan andere zzp’ers. Meestal betreft dit een (vervroegd) pensioen. Voor 42% van de kleine zzp’ers is hun werk als zelfstandige de voornaamste inkomensbron, voor 39% is dat een pensioen. Bron: CBS 9-08-2016

lees verder

Grote premieverschillen bij WGA-ERD verzekeringen

8 August 2016

Er zijn enorme verschillen in de premies die verzekeringsmaatschappijen aan werkgevers vragen in hun offertes voor het verzekeren van het eigen risico bij arbeidsongeschiktheid van hun werknemers. Door een marktonderzoek te doen, kunnen werkgevers daardoor vele euro’s besparen – al snel oplopend tot meer dan een ton.

Adviesbureau Mercer vergeleek de offertes die verzekeraars aan zijn relaties hebben uitgebracht om eigenrisicodrager te worden/blijven voor de WGA. Daaruit bleek dat de verschillen tussen de duurste en de goedkoopste offerte vaak meer dan 200% bedragen. Veel verzekeraars sturen momenteel de eerste offertes voor de verzekeringspremies voor volgend jaar. Veel bedrijven laten het echter na om de markt te onderzoeken, en kiezen ervoor om gewoon te blijven zitten waar ze zitten. Uit het onderzoek blijkt dat het loont om twee of drie concurrerende offertes aan te vragen. Voor één onderneming met bijna tweehonderd werknemers bedroeg het verschil in premiestelling meer dan € 90.000. Een indicatie van de UWV-premie is ook een belangrijk onderdeel voor een onderneming om een goede beslissing te nemen. Het advies om een volledig onderzoek inclusief de premiestelling van het UWV uit te laten voeren, lijkt een open deur. Toch moeten veel bedrijven eraan herinnerd worden. Dit is schrijnend in het licht van de grote veranderingen die er op stapel staan door de samenvoeging van de WGA vast en flex. Mercer wijst erop dat werkgevers straks één WGA-verzekering moeten afsluiten voor vast of flex. Een onderzoek onder HR-managers van grote bedrijven eerder dit jaar wees uit dat toen maar liefst bijna een derde nog niet op de hoogte was van die veranderingen. Een complicerende factor is dat verzekeraars extreem streng zijn geworden in het beoordelen van de aanvragen. Enerzijds is er tijdsdruk, terwijl de ruimte voor fouten of ontbrekende gegevens minimaal is. Dat komt doordat verzekeraars voor het eerst een premie moeten afgeven voor de flex krachten en in de afgelopen jaren flinke verliezen hebben geleden doordat het risico verkeerd was ingeschat. Al met al is het volgens Mercer voor bedrijven nu een race tegen de klok – zeker voor bedrijven die hun administratie en verzuimmanagement niet goed voor elkaar hebben. Bron: Mercer 2-08-2016

lees verder